Einde inhoudsopgave
Voorschrift Vreemdelingen 2000
Artikel 3.24aa
Geldend
Geldend vanaf 04-09-2025. Let op: treedt met terugwerkende kracht in werking vanaf 01-01-2024
- Bronpublicatie:
25-08-2025, Stcrt. 2025, 29509 (uitgifte: 03-09-2025, regelingnummer: 6447370)
- Inwerkingtreding
04-09-2025, terugwerkend tot: 01-01-2024
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
25-08-2025, Stcrt. 2025, 29509 (uitgifte: 03-09-2025, regelingnummer: 6447370)
- Vakgebied(en)
Vreemdelingenrecht / Grensbewaking
Vreemdelingenrecht / Verblijf
Vreemdelingenrecht (V)
1.
Als categorieën vreemdelingen, bedoeld in artikel 3.48, tweede lid, aanhef en onder b, van het Besluit, zijn aangewezen vreemdelingen met het volgende verblijfsdoel:
- a.
verblijf in het kader van remigratie op grond van de Remigratiewet;
- b.
verblijf in het kader van verwesterde schoolgaande minderjarige vrouwen voor vreemdelingen met de Afghaanse nationaliteit;
- c.
verblijf in het kader van plaatsing in een pleeggezin of instelling op verzoek van een ander land op grond van het Haags Kinderbeschermingsverdrag 1996;
- d.
verblijf als vreemdeling die zich in de terminale fase van een ziekte bevindt;
- e.
verblijf op basis van de duurzaamheids- en proportionaliteitsbeoordeling van vreemdelingen aan wie artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag is tegengeworpen;
- f.
verblijf als minderjarige vreemdeling met een kinderbeschermingsmaatregel;
- g.
verblijf in het kader van beschermde getuige in het beschermingsprogramma van de politie;
- h.
verblijf als mensenrechtenverdediger.
2.
Als categorieën vreemdelingen, bedoeld in artikel 3.51, vierde lid, van het Besluit, zijn aangewezen vreemdelingen met het volgende verblijfdoel:
- a.
verblijf als oud-Nederlander in het kader van artikel 15, eerste lid, aanhef en onder b, d en e van de Rijkswet op het Nederlanderschap;
- b.
verblijf in het kader van de Afsluitingsregeling Definitieve Regeling langdurig verblijvende kinderen;
- c.
verblijf wegens bijzondere individuele omstandigheden na verblijf als familie- of gezinslid;
- d.
verblijf na verblijf als slachtoffer van mensenhandel die hiervan geen aangifte kan of wil doen;
- e.
verblijf na verblijf als slachtoffer van (dreigend) eergerelateerd geweld of van (dreigend) huiselijk geweld;
- f.
verblijf na verblijf als slachtoffer of slachtoffer-aangever van mensenhandel;
- g.
verblijf na verblijf als getuige aangever van mensenhandel;
- h.
verblijf in het kader van de uitoefening van het privéleven, bedoeld in artikel 8 EVRM;
- i.
verblijf in het kader van plaatsing in een pleeggezin of instelling op verzoek van een ander land op grond van het Haags Kinderbeschermingsverdrag 1996;
- j.
verblijf als minderjarige vreemdeling met een kinderbeschermingsmaatregel;
- k.
verblijf in het kader van beschermde getuige in het beschermingsprogramma van de politie;
- l.
verblijf van gezinsleden van houders van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking ‘niet-tijdelijke humanitaire gronden’ verleend na verblijf in het kader van medische behandeling.