Einde inhoudsopgave
Wet op de internationale bijstandsverlening bij de heffing van belastingen
Artikel 10oe
Geldend
Geldend vanaf 11-04-2026. Let op: treedt met terugwerkende kracht in werking vanaf 01-01-2026
- Bronpublicatie:
01-04-2026, Stb. 2026, 79 (uitgifte: 10-04-2026, kamerstukken: 36782)
- Inwerkingtreding
11-04-2026, terugwerkend tot: 01-01-2026
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
01-04-2026, Stb. 2026, 79 (uitgifte: 10-04-2026, kamerstukken: 36782)
- Vakgebied(en)
EU-recht / Bijzondere onderwerpen
Internationaal belastingrecht (V)
Internationaal belastingrecht / Inlichtingenuitwisseling en wederzijdse bijstand
1.
Onze Minister verwijdert de registratie van een exploitant van cryptoactiva, bedoeld in artikel 10od, eerste lid, uit het centraal register van exploitanten van cryptoactiva indien:
- a.
de exploitant van cryptoactiva Onze Minister ervan in kennis stelt dat hij niet langer te rapporteren gebruikers in de Europese Unie heeft;
- b.
er bij gebreke van een kennisgeving op grond van onderdeel a, redenen zijn om te veronderstellen dat de exploitant van cryptoactiva zijn activiteiten heeft stopgezet;
- c.
de exploitant van cryptoactiva niet langer voldoet aan de voorwaarden van bijlage VI, deel IV, onderdeel B, onder 2, van Richtlijn 2011/16/EU; of
- d.
Onze Minister de registratie op grond van het tweede lid heeft ingetrokken.
2.
Indien een exploitant van cryptoactiva na twee aanmaningen van Onze Minister niet voldoet aan de rapportageverplichtingen, bedoeld in artikel 10ob, derde, vierde en twaalfde lid, trekt Onze Minister de registratie in.
3.
De intrekking vindt niet eerder plaats dan na het verstrijken van dertig dagen na de tweede aanmaning en niet later dan na het verstrijken van negentig dagen na die aanmaning.
4.
Onze Minister stelt de Europese Commissie onverwijld van de intrekking in kennis.
5.
Een exploitant van cryptoactiva die een rapporterende aanbieder van cryptoactivadiensten is ten aanzien van wie de registratie is ingetrokken op grond van een met artikel 8 bis quinquies, zevende lid, van Richtlijn 2011/16/EU overeenkomende wettelijke bepaling, kan zich enkel in Nederland registreren indien hij aan Onze Minister passende waarborgen verstrekt inzake zijn verbintenis om te voldoen aan de rapportageverplichtingen, bedoeld in artikel 10ob, derde, vierde en twaalfde lid, inclusief de rapportageverplichtingen die hij alsnog moet nakomen.