Einde inhoudsopgave
Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies
Artikel 4.6.11 Aanvraag tot subsidievaststelling
Geldend
Geldend van 06-09-2025 tot 01-08-2030
- Bronpublicatie:
30-08-2025, Stcrt. 2025, 30380 (uitgifte: 05-09-2025, regelingnummer: WJZ/ 99481450)
- Inwerkingtreding
06-09-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
30-08-2025, Stcrt. 2025, 30380 (uitgifte: 05-09-2025, regelingnummer: WJZ/ 99481450)
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Algemeen
Bestuursrecht algemeen / Bijzondere onderwerpen bestuursrecht
De aanvraag voor de vaststelling van een subsidie die krachtens deze titel is verleend bevat in ieder geval:
- a.
het eindverslag, bedoeld in artikel 50, tweede lid, onderdeel a, van het besluit, waarmee de aanvraag tot subsidievaststelling vergezeld gaat, dat in ieder geval, voor zover van toepassing, bevat:
- 1°
een algemene en technische omschrijving van de investeringen en aangeschafte en gebruikte installaties of infrastructuur;
- 2°
een berekening van de daadwerkelijk gerealiseerde CO2-reductie in Nederland ten opzichte van de referentie-investering;
- 3°
een ingevuld, gewaarmerkt en gedateerd kostenoverzicht opgesteld door een accountant, inclusief dezelfde kostencomponenten als de (mijlpalen)begroting;
- 4°
indien het een investering voor energie-efficiënte stadsverwarming of -koeling als bedoeld in artikel 46 van de algemene groepsvrijstellingsverordening betreft, een document waarin de broeikasgasuitstoot van de geleverde warmte in GJ is aangetoond;
- 5°
indien het een investering in lokale infrastructuur als bedoeld in artikel 56 van de algemene groepsvrijstellingsverordening betreft, een exploitatieberekening;
- b.
de omvang van de vast te stellen subsidie;
- c.
indien de omvang van de vast te stellen subsidie € 30.000 tot € 125.000 bedraagt, een verklaring inzake werkelijke kosten en opbrengsten, die bevat:
- 1°
dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend zijn verricht, voorzien van een korte toelichting,
- 2°
dat aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen is voldaan;
- 3°
wat het totale bedrag van de gerealiseerde subsidiabele kosten is;
- 4°
wat het totale bedrag van de gerealiseerde eigen bijdrage is.