Einde inhoudsopgave
Verordening (EG) Nr. 865/2006 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 338/97 van de Raad inzake de bescherming van in het wild levende dier- en plantensoorten door controle op het desbetreffende handelsverkeer
Artikel 54 bis Registratie van instellingen waarin specimens van de in bijlage I bij de Overeenkomst vermelde diersoorten voor commerciële doeleinden in gevangenschap worden gefokt
Geldend
Geldend vanaf 18-02-2025
- Bronpublicatie:
28-01-2025, PbEU L 2025, 2025/130 (uitgifte: 29-01-2025, regelingnummer: 2025/130)
- Inwerkingtreding
18-02-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
28-01-2025, PbEU L 2025, 2025/130 (uitgifte: 29-01-2025, regelingnummer: 2025/130)
- Vakgebied(en)
Douane (V)
1.
Om een instelling bij het secretariaat van de Overeenkomst te registreren als een instelling waarin specimens van de in bijlage I bij de Overeenkomst vermelde diersoorten voor commerciële doeleinden in gevangenschap worden gefokt, dient de voor de instelling verantwoordelijke natuurlijke of rechtspersoon (‘de exploitant’) een registratieaanvraag in bij de administratieve instantie van de lidstaat waar de instelling is gevestigd. De aanvraag bevat de in bijlage XIV vermelde informatie en toont aan dat de instelling aan alle volgende eisen voldoet:
- a)
het fokdierenbestand is, in overeenstemming met de Overeenkomst en de desbetreffende wetgeving van de lidstaat waar de instelling is gevestigd, op een zodanige wijze gevormd dat het voortbestaan van de soort in het wild daardoor geen schade heeft ondervonden;
- b)
de door de instelling geproduceerde specimens worden aangemerkt als ‘geboren en gefokt in gevangenschap’ in de zin van dit hoofdstuk;
- c)
de exploitant zorgt ervoor dat een passende en veilige merkingsmethode wordt gebruikt om alle in de handel gebrachte fokdieren en specimens overeenkomstig artikel 66 duidelijk te identificeren;
- d)
de instelling levert een blijvende zinvolle bijdrage op basis van de instandhoudingsbehoeften van de betrokken soort.
2.
De administratieve instantie kan de registratieaanvraag bij het secretariaat van de Overeenkomst indienen wanneer zij, in overleg met de wetenschappelijke autoriteit, ervan overtuigd is dat alle in bijlage XIV vermelde informatie is verstrekt en dat aan de in lid 1 vastgestelde registratievoorschriften wordt voldaan, en dat er geen andere argumenten in verband met de instandhouding van de soort pleiten tegen registratie.
De registratie wordt van kracht wanneer de instelling is opgenomen in het door het secretariaat van de Overeenkomst bijgehouden register van instellingen waarin specimens van de in bijlage I bij de Overeenkomst vermelde diersoorten voor commerciële doeleinden in gevangenschap worden gefokt (‘het register’).
3.
In geval van een wijziging in de aard van de instelling of in de soorten producten die voor uitvoer worden geproduceerd, stelt de exploitant de administratieve instantie daarvan in kennis, zodat de informatie in het register kan worden bijgewerkt.
4.
De administratieve instantie kan in overleg met de wetenschappelijke autoriteit het secretariaat van de Overeenkomst verzoeken een instelling die onder haar rechtsmacht valt, uit het register te verwijderen op verzoek van de exploitant of indien zij er kennis van krijgt dat niet langer aan een of meer van de in lid 1 bedoelde vereisten voor de registratie wordt voldaan. Vanaf de datum van het verzoek van de administratieve instantie worden voor die instelling geen uitvoervergunningen of wederuitvoercertificaten afgegeven voor de specimens van de in bijlage I bij de Overeenkomst vermelde diersoorten.
De registratie verliest haar geldigheid wanneer de instelling door het secretariaat van de Overeenkomst uit het register wordt geschrapt.