Einde inhoudsopgave
Wet tot veiling van bepaalde verkooppunten van motorbrandstoffen
Artikel 1
Geldend
Geldend vanaf 12-02-2025
- Bronpublicatie:
23-10-2024, Stb. 2024, 391 (uitgifte: 10-12-2024, kamerstukken: 36481)
- Inwerkingtreding
12-02-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
30-01-2025, Stb. 2025, 34 (uitgifte: 11-02-2025, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Overheid en privaatrecht
In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
doorzet: aantal verkochte liters motorbrandstoffen;
exploitant: natuurlijke persoon of rechtspersoon die een onderneming drijft wier werkzaamheden bestaan of mede bestaan uit de verkoop van motorbrandstoffen;
gebruiksvergoeding: bedrag dat een huurder ieder jaar aan de Staat moet voldoen voor het gebruik van een locatie;
houder van de gegevens: natuurlijke persoon of rechtspersoon die beschikt over gegevens ten behoeve van het biedboek;
huurder: natuurlijke persoon of rechtspersoon die een locatie huurt of in erfpacht heeft van de Staat;
huurovereenkomst: overeenkomst tussen de Staat en een wederpartij, de huurder, die de huurder het recht geeft een locatie te gebruiken voor de vestiging van een verkooppunt van motorbrandstoffen;
kaartliters: aantal liters motorbrandstoffen dat via een merkgebonden kaart is verkocht;
locatie: gedeelte van een verzorgingsplaats, bestemd voor de vestiging van een verkooppunt van motorbrandstoffen;
merkgebonden kaart: kaart waarmee motorbrandstof kan worden getankt van één specifiek merk;
Onze Minister: Onze Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening;
verzorgingsplaats: perceel grond dat
- a.
is ingericht met een of meer voorzieningen ten behoeve van de gebruikers van een weg, en
- b.
over het net van wegen die openbaar zijn in de zin van de Wegenwet, met een motorvoertuig slechts is te bereiken via de afrit van de weg naar het perceel.