Einde inhoudsopgave
Besluit langdurige zorg
Artikel 3.1.3 [Logeeropvang]
Geldend
Geldend vanaf 01-07-2025
- Bronpublicatie:
21-03-2025, Stb. 2025, 81 (uitgifte: 28-03-2025, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Inwerkingtreding
01-07-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
21-03-2025, Stb. 2025, 81 (uitgifte: 28-03-2025, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Vakgebied(en)
Maatschappelijke ondersteuning / Algemeen
Sociale zekerheid algemeen / Algemeen
Sociale zekerheid ziektekosten / Zorgverzekering
Sociale zekerheid ziektekosten / Bijzondere ziektekosten
Gezondheidsrecht / Zorg en ziektekosten
1.
Logeeropvang als bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, onderdeel g, van de wet omvat het gedurende maximaal 156 etmalen per kalenderjaar door verzekerde die zorg in natura of een persoonsgebonden budget ontvangt logeren in een voor hem beschermende woonomgeving, geboden door een zorgaanbieder die daarbij tevens voorziet in samenhangende zorg.
2.
In afwijking van het eerste lid kan een verzekerde met een zeer complexe zorgbehoefte die een persoonsgebonden budget ontvangt, voor de logeeropvang vanuit het persoonsgebonden budget zelf:
- a.
voorzien in een passende zorglocatie in een voor hem beschermende woonomgeving met inbegrip van voorzieningen als bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, onderdeel a, van de wet, en
- b.
de gedurende het logeren benodigde zorg inkopen.
3.
Bij ministeriële regeling wordt nader omschreven wanneer sprake is van een verzekerde als bedoeld in het tweede lid, aanhef, en een passende zorglocatie als bedoeld in het tweede lid, onder a.
4.
Indien een indicatiebesluit gedurende een deel van een kalenderjaar geldig is, wordt het maximum aantal etmalen, bedoeld in het eerste lid, berekend door het aantal weken in dat kalenderjaar gedurende welke het indicatiebesluit geldig is, te vermenigvuldigen met drie.