Einde inhoudsopgave
Verordening (EU) 2019/631 tot vaststelling van CO2-emissienormen voor nieuwe personenauto's en nieuwe lichte bedrijfsvoertuigen, en tot intrekking van Verordeningen (EG) nr. 443/2009 en (EU) nr. 510/2011
Artikel 4 Specifieke emissiestreefcijfers
Geldend
Geldend vanaf 09-07-2025
- Bronpublicatie:
17-06-2025, PbEU L 2025, 2025/1214 (uitgifte: 19-06-2025, regelingnummer: 2025/1214)
- Inwerkingtreding
09-07-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
17-06-2025, PbEU L 2025, 2025/1214 (uitgifte: 19-06-2025, regelingnummer: 2025/1214)
- Vakgebied(en)
Milieurecht / Lucht
Verkeersrecht / Voertuigeisen
1.
De fabrikant zorgt ervoor dat zijn gemiddelde specifieke CO2-emissies niet hoger liggen dan de volgende specifieke emissiestreefcijfers:
- a)
voor het kalenderjaar 2020: voor personenauto's het specifieke emissiestreefcijfer dat overeenkomstig bijlage I, deel A, punten 1 en 2, is vastgesteld, of voor lichte bedrijfsvoertuigen het specifieke emissiestreefcijfer dat overeenkomstig bijlage I, deel B, punten 1 en 2, is vastgesteld, of het specifieke emissiestreefcijfer dat, indien de fabrikant een afwijking krachtens artikel 10 geniet, overeenkomstig die afwijking is vastgesteld;
- b)
voor elk kalenderjaar van 2021 tot en met 2024: de specifieke emissiestreefcijfers die, al naargelang het geval, overeenkomstig bijlage I, deel A of B, punten 3 en 4, zijn vastgesteld of die, indien de fabrikant een afwijking krachtens artikel 10 geniet, overeenkomstig die afwijking en bijlage I, deel A of B, punt 5, zijn vastgesteld;
- c)
voor elk kalenderjaar met ingang van 2025: de specifieke emissiestreefcijfers die overeenkomstig bijlage I, deel A of B, punt 6.3, zijn vastgesteld, of indien de fabrikant een afwijking krachtens artikel 10 geniet, overeenkomstig die afwijking.
Voor de toepassing van de eerste alinea, punt c), geldt dat als het specifieke emissiestreefcijfer dat overeenkomstig bijlage I, deel A of B, punt 6.3, is vastgesteld negatief is, het specifieke emissiestreefcijfer 0 g/km is.
1 bis
In afwijking van lid 1 zorgt een fabrikant ervoor dat, ook wanneer hij lid is van een groep, gedurende de periode van drie jaar die de kalenderjaren 2025 tot en met 2027 omvat, zijn gemiddelde specifieke CO2-emissies voor die periode niet hoger liggen dan zijn specifieke emissiestreefcijfer voor die periode.
Die gemiddelde specifieke CO2-emissies worden berekend als het gemiddelde over de periode van drie jaar van de gemiddelde specifieke CO2-emissies voor elk jaar gewogen naar het aantal voor het eerst geregistreerde voertuigen van de fabrikant in dat kalenderjaar.
Het specifieke emissiestreefcijfer wordt berekend als het gemiddelde over de periode van drie jaar van de specifieke emissiestreefcijfers voor elk jaar die zijn vastgesteld overeenkomstig punt 6.3 van deel A of deel B van bijlage I of, indien aan een fabrikant een afwijking krachtens artikel 10 is toegekend, overeenkomstig die afwijking, gewogen naar het aantal voor het eerst geregistreerde voertuigen van de fabrikant in dat kalenderjaar.
Voor elk kalenderjaar waarin een fabrikant deel uitmaakte van een groep, geldt dat de gemiddelde specifieke CO2-emissies en het specifieke emissiestreefcijfer voor dat jaar die voor die berekeningen worden gebruikt, de waarden voor die groep moeten zijn.
2.
Wat lichte bedrijfsvoertuigen betreft, gebruikt de fabrikant van het basisvoertuig, indien de specifieke CO2-emissies van het voltooide voertuig niet beschikbaar zijn, de specifieke CO2-emissies van het basisvoertuig om de gemiddelde specifieke CO2-emissies te bepalen.
3.
Om de gemiddelde specifieke CO2-emissies van elke fabrikant te bepalen, wordt rekening gehouden met de volgende percentages van de nieuwe personenauto's van elke fabrikant die in het jaar in kwestie zijn geregistreerd:
- —
95 % in 2020,
- —
100 % vanaf 2021.