Einde inhoudsopgave
Besluit Deelnemingsvrijstelling
2.16 Artikel 13, zestiende lid, Wet Vpb
Geldend
Geldend vanaf 01-01-2025
- Redactionele toelichting
Onderdeel 2.16.3 is vervallen. Onderdeel 2.16.4 (oud) vernummerd tot onderdeel 2.16.3.
- Bronpublicatie:
18-12-2024, Stcrt. 2024, 38580 (uitgifte: 19-12-2024, regelingnummer: 2024-27232)
- Inwerkingtreding
01-01-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
18-12-2024, Stcrt. 2024, 38580 (uitgifte: 19-12-2024, regelingnummer: 2024-27232)
- Vakgebied(en)
Vennootschapsbelasting / Deelnemingsvrijstelling
In artikel 13, zestiende lid, Wet Vpb is de regeling voor zogenoemde aflopende deelnemingen opgenomen. Hierdoor is het onder voorwaarden mogelijk dat de deelnemingsvrijstelling nog drie jaar van toepassing blijft op belangen die – om welke reden dan ook – op een gegeven moment niet langer voldoen aan de 5%-voorwaarde, bedoeld in artikel 13, tweede en derde lid, Wet Vpb.
Onbenoemd 2.16.1 Aflopende deelneming; begrip ‘jaar’
Onbenoemd 2.16.2 Aflopende deelneming; deelnemingsvrijstelling is niet van toepassing geweest
Onbenoemd 2.16.3 Aflopende deelneming; meesleep- en meetrekregeling