Einde inhoudsopgave
Procesreglement bestuursrecht rechtbanken
Artikel 8.9 Herstel van een verzuim (artikel 6:5 en 6:6 Awb, gelezen in samenhang met artikel 8:52, tweede lid, van de Awb en artikel 83b, vierde lid, van de Vw 2000)
Geldend
Geldend vanaf 01-07-2025
- Redactionele toelichting
De datum van afkondiging is de datum van de Staatscourant.
- Bronpublicatie:
30-06-2025, Stcrt. 2025, 20750 (uitgifte: 30-06-2025, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Inwerkingtreding
01-07-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
30-06-2025, Stcrt. 2025, 20750 (uitgifte: 30-06-2025, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Algemeen
Vreemdelingenrecht / Vreemdelingenprocesrecht
Bestuursprocesrecht / Algemeen
1.
De rechtbank die vaststelt dat sprake is van een herstelbaar verzuim als bedoeld in artikel 6:6 van de Awb, stelt een indiener van een beroepschrift tegelijk met de in artikel 8,7[lees: 8.7], eerste lid, van dit reglement genoemde bevestiging in de gelegenheid het verzuim te herstellen. Daarbij vermeldt de rechtbank dat het beroep niet-ontvankelijk kan worden verklaard als de indiener het verzuim niet binnen de gestelde termijn herstelt.
2.
De termijn voor het herstel eindigt aan het einde van de vijfde werkdag na verzending van de ontvangstbevestiging van het beroepschrift als bedoeld in artikel 8.7, eerste lid, van dit reglement. De rechtbank verlengt deze termijn niet.