Einde inhoudsopgave
Bouwverordening 2007
Artikel 6.1.1 Vergunning gebruik bouwwerk [tekst wijkt af van MBV]
Geldend
Geldend vanaf 01-09-2007
- Bronpublicatie:
12-07-2007, Internet 2007, www.nijkerk.org (uitgifte: 12-07-2007, regelingnummer: 2007-037)
- Inwerkingtreding
01-09-2007
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
12-07-2007, Internet 2007, www.nijkerk.org (uitgifte: 12-07-2007, regelingnummer: 2007-037)
- Vakgebied(en)
Ruimtelijk bestuursrecht / Algemeen
Volkshuisvesting (bestuursrechtelijk) / Wonen
1.
Het is verboden zonder of in afwijking van een gebruiksvergunning van burgemeester en wethouders een bouwwerk in gebruik te hebben of te houden, waarin:
- a.
meer dan 50 personen tegelijk aanwezig zullen zijn, anders dan in een één- of meergezinshuis;
- b.
bedrijfsmatig de stoffen zullen worden opgeslagen die in de Regeling Bouwbesluit 2003 zijn omschreven als brandbaar, brandbevorderend en bij brand gevaar oplevert;
- c.
aan meer dan tien personen bedrijfsmatig of in het kader van verzorging nachtverblijf zal worden verschaft en specifiek bij kamerverhuur bij verschaffing van nachtverblijf aan meer dan drie personen;
- d.
aan meer dan tien kinderen jonger dan twaalf jaar, of aan meer dan tien lichamelijk en/of geestelijk gehandicapten dagverblijf zal worden verschaft;
- e.
een brandcompartiment is gelegen, dat, op grond van de bepalingen inzake grote brandcompartimenten van het Bouwbesluit, met toepassing van en overeenkomstig het Brandbeveiligingsconcept ‘Beheersbaarheid van brand’ is gerealiseerd.
2.
Burgemeester en wethouders kunnen aan de gebruiksvergunning slechts voorwaarden verbinden in het belang van het voorkomen, beperken en bestrijden van brand, het beperken van brandgevaar en het voorkomen en beperken van ongevallen bij brand.
3.
Indien het belang waarvoor de vergunning is verleend dit vereist op grond van een verandering van de inzichten en/of verandering van de omstandigheden gelegen buiten het bouwwerk, opgetreden na het verlenen van de vergunning, kunnen burgemeester en wethouders aan de vergunning nieuwe voorwaarden verbinden en gestelde voorwaarden wijzigen of intrekken.
4.
In afwijking van het gestelde in lid 1, onder b, is geen gebruiksvergunning vereist indien de maximum hoeveelheden, genoemd in bijlage 5 van deze verordening, niet worden overschreden.
5.
Burgemeester en wethouders kunnen vrijstelling verlenen van het bepaalde in lid 1, onder b, indien de in bijlage 5 van deze verordening genoemde maximum hoeveelheden worden overschreden, maar zij van oordeel zijn dat een gebruiksvergunning geen meerwaarde biedt om het brandveilig gebruik te bevorderen.