Einde inhoudsopgave
Richtlijn 2014/65/EU betreffende markten voor financiële instrumenten en tot wijziging van Richtlijn 2002/92/EG en Richtlijn 2011/61/EU (herschikking)
Artikel 51 bis Bijzondere voorwaarden voor de toelating van aandelen tot de handel
Geldend
Geldend vanaf 04-12-2024
- Redactionele toelichting
Wordt toegepast vanaf 06-06-2026.
- Bronpublicatie:
23-10-2024, PbEU L 2024, 2024/2811 (uitgifte: 14-11-2024, regelingnummer: 2024/2811)
- Inwerkingtreding
04-12-2024
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
23-10-2024, PbEU L 2024, 2024/2811 (uitgifte: 14-11-2024, regelingnummer: 2024/2811)
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Financieel recht / Europees financieel recht
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
1.
De lidstaten dragen er zorg voor dat gereglementeerde markten eisen dat de te verwachten marktkapitalisatie van de onderneming waarvoor toelating tot de handel van de aandelen erin wordt aangevraagd of, indien dat niet kan worden geraamd, het eigen vermogen van die onderneming, met inbegrip van winst en verlies, over het laatste boekjaar, ten minste 1 000 000 EUR of een gelijkwaardig bedrag in een andere nationale valuta dan de euro beloopt.
2.
Lid 1 is niet van toepassing op de toelating tot de handel van aandelen die fungibel zijn met aandelen die reeds tot de handel zijn toegelaten.
3.
Wanneer ten gevolge van een aanpassing van de tegenwaarde in een andere nationale valuta dan de euro de marktkapitalisatie uitgedrukt in de nationale valuta gedurende één jaar ten minste 10 % meer, of ten minste 10 % minder, bedraagt dan de waarde van 1 000 000 EUR, past de lidstaat binnen twaalf maanden na afloop van die periode zijn wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen aan om aan lid 1 te voldoen.
4.
De lidstaten zorgen ervoor dat gereglementeerde markten voorschrijven dat ten minste 10 % van het geplaatste kapitaal dat wordt vertegenwoordigd door de categorie aandelen waarop de aanvraag voor toelating tot de handel betrekking heeft, op het moment van toelating tot de handel in handen is van het publiek.
5.
In afwijking van lid 4 kunnen de lidstaten voorschrijven dat gereglementeerde markten op het moment van toelating ten minste een van de volgende eisen stellen aan een aanvraag voor toelating tot de handel in aandelen:
- a)
een voldoende aantal aandelen is in handen van het publiek;
- b)
de aandelen zijn in handen van een voldoende aantal aandeelhouders;
- c)
de marktwaarde van de door het publiek aangehouden aandelen vertegenwoordigt een toereikend niveau van het geplaatste kapitaal in de betrokken categorie aandelen.
6.
Wanneer toelating tot de handel wordt aangevraagd voor aandelen die fungibel zijn met aandelen die reeds tot de handel zijn toegelaten, beoordelen de gereglementeerde markten, om aan het vereiste van lid 4 te voldoen, of een voldoende aantal aandelen onder het publiek is verspreid in verhouding tot alle uitgegeven aandelen en niet alleen in verhouding tot de aandelen die fungibel zijn met aandelen die reeds tot de handel zijn toegelaten.
7.
De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 89 gedelegeerde handelingen vast te stellen om deze richtlijn te wijzigen door de in de leden 1 en 3 van dit artikel bedoelde drempels, de in lid 4 van dit artikel bedoelde drempel, of alle drempels, te wijzigen, indien de toepasselijke drempels de liquiditeit op de publieke markten belemmeren, rekening houdend met financiële ontwikkelingen.