Einde inhoudsopgave
Wet compensatie wegens selectie aan de poort
Artikel 6 Uitbetaling compensatie en aanvullende compensatie
Geldend
Geldend vanaf 01-01-2026
- Bronpublicatie:
04-12-2025, Stb. 2025, 431 (uitgifte: 12-12-2025, kamerstukken: 36735)
- Inwerkingtreding
01-01-2026
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
04-12-2025, Stb. 2025, 431 (uitgifte: 12-12-2025, kamerstukken: 36735)
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Belastingrecht algemeen / Organisatie Belastingdienst, Dienst Toeslagen, Douane
1.
Uitbetaling van de compensatie, bedoeld in artikel 2, eerste, tweede en derde lid, en uitbetaling van de aanvullende compensatie, bedoeld in artikel 5, eerste lid, vindt plaats op het bankrekeningnummer dat ten aanzien van de belanghebbende bekend is bij de Belastingdienst ten behoeve van de fiscale verplichtingen van die belanghebbende.
2.
Bij de uitbetaling van de compensatie en aanvullende compensatie door de Belastingdienst is artikel 24 van de Invorderingswet 1990 niet van overeenkomstige toepassing.
3.
De uitbetaling van de compensatie, bedoeld in artikel 2, eerste, tweede en derde lid, aan een nabestaande vindt plaats op een daartoe door die nabestaande bestemde bankrekening die op diens naam staat, binnen zes weken nadat de compensatie is toegekend en het bankrekeningnummer van de nabestaande bij de inspecteur bekend is geworden. Indien de nabestaande minderjarig is, vindt de uitbetaling plaats op een bankrekening die daartoe is bestemd door diens wettelijke vertegenwoordiger en die op naam staat van de nabestaande of diens wettelijke vertegenwoordiger.