Einde inhoudsopgave
Verordening (EU) 2024/590 betreffende stoffen die de ozonlaag afbreken, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1005/2009
Artikel 21 Uitstoot van ozonafbrekende stoffen en controles op lekkage
Geldend
Geldend vanaf 12-03-2024
- Bronpublicatie:
07-02-2024, PbEU L 2024, 2024/590 (uitgifte: 20-02-2024, regelingnummer: 2024/590)
- Inwerkingtreding
12-03-2024
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
07-02-2024, PbEU L 2024, 2024/590 (uitgifte: 20-02-2024, regelingnummer: 2024/590)
- Vakgebied(en)
Milieurecht / Lucht
Milieurecht / Milieugevaarlijke stoffen
Milieurecht (V)
1.
Het opzettelijk uitstoten van ozonafbrekende stoffen in de atmosfeer, ook wanneer die verwerkt zijn in producten en apparatuur, is verboden indien de emissie technisch niet noodzakelijk is voor de uit hoofde van deze verordening toegestane beoogde toepassingen.
2.
Ondernemingen nemen alle noodzakelijke voorzorgsmaatregelen om onopzettelijke emissies van ozonafbrekende stoffen tijdens de productie te voorkomen of tot een minimum te beperken, waaronder emissies die onopzettelijk worden geproduceerd bij de productie van andere chemicaliën, het vervaardigingsproces van de apparatuur, het gebruik, de opslag en de overbrenging tussen houders of systemen of het vervoer.
3.
Exploitanten van koeling- en klimaatregelingsapparatuur, van warmtepompen of van brandbeveiligingssystemen, met inbegrip van circuits, die in bijlage I opgenomen ozonafbrekende stoffen bevatten, zorgen ervoor dat stationaire apparatuur of stationaire systemen:
- a)
met een vloeistofinhoud van 3 kg of meer, maar minder dan 30 kg, in bijlage I opgenomen ozonafbrekende stoffen ten minste eenmaal in de twaalf maanden op lekkage wordt (worden) gecontroleerd, met uitzondering van apparatuur met hermetisch gesloten systemen die als dusdanig zijn gemerkt en minder dan 6 kg van in bijlage I opgenomen ozonafbrekende stoffen bevatten;
- b)
met een vloeistofinhoud van 30 kg of meer, maar minder dan 300 kg, in bijlage I opgenomen ozonafbrekende stoffen ten minste eenmaal in de zes maanden op lekkage wordt (worden) gecontroleerd;
- c)
met een vloeistofinhoud van 300 kg of meer in bijlage I opgenomen ozonafbrekende stoffen ten minste eenmaal in de drie maanden op lekkage wordt (worden) gecontroleerd.
4.
Exploitanten van apparatuur of systemen waarin ozonafbrekende stoffen zijn verwerkt, zorgen ervoor dat opgespoorde lekkages zonder onnodige vertraging worden gerepareerd, onverminderd het verbod op het gebruik van de ozonafbrekende stoffen, tenzij de terugwinning ervan in het kader van andere rechtshandelingen van de Unie is geregeld.
5.
De in lid 4 bedoelde exploitanten houden een register bij van de hoeveelheid en de aard van de toegevoegde halonen en van de in bijlage I opgenomen ozonafbrekende stoffen die tijdens het onderhoud of de service en de definitieve verwijdering van de in dat lid bedoelde apparatuur of systemen wordt teruggewonnen. Zij houden tevens een register bij van andere relevante informatie, waaronder de identiteit van de onderneming die de controles op lekkage, het onderhoud of de service heeft uitgevoerd, alsook de data en de resultaten van de uitgevoerde controles op lekkage. Die gegevens worden gedurende ten minste vijf jaar bewaard en worden op verzoek ter beschikking van de bevoegde autoriteit van de betrokken lidstaat of van de Commissie gesteld.
6.
De lidstaten stellen de minimumeisen vast voor de kwalificatie van het personeel dat de in de leden 3 en 4 bedoelde werkzaamheden uitvoert.