Einde inhoudsopgave
Wet hersteloperatie toeslagen
Artikel 6.2bis Beslistermijn bij beschikking op aanvraag nabestaanden van overleden kind
Geldend
Geldend vanaf 14-12-2024
- Bronpublicatie:
11-12-2024, Stb. 2024, 400 (uitgifte: 13-12-2024, kamerstukken: 36577)
- Inwerkingtreding
14-12-2024
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
11-12-2024, Stb. 2024, 401 (uitgifte: 13-12-2024, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Overige regelgevende instantie(s)
Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- Vakgebied(en)
Toeslagen (V)
Invordering / Uitstel van betaling, kwijtschelding en verjaring
1.
Op een aanvraag als bedoeld in artikel 2.14c, eerste lid, besluit de Dienst Toeslagen binnen een termijn van zes maanden na ontvangst van de aanvraag. Deze termijn kan eenmaal met maximaal zes maanden worden verlengd.
2.
In afwijking van het eerste lid besluit de Dienst Toeslagen op een aanvraag als bedoeld in het eerste lid, die is gedaan voor inwerkingtreding van artikel 2.14c, eerste lid, binnen een termijn van zes maanden na de datum van inwerkingtreding van dat artikel. Deze termijn kan eenmaal met maximaal zes maanden worden verlengd.
3.
In afwijking van het eerste en tweede lid besluit de Dienst Toeslagen op een aanvraag als bedoeld in artikel 2.14c, eerste lid, binnen een termijn van zes maanden na dagtekening van de beschikking tot het toepassen van een herstelmaatregel als bedoeld in artikel 2.7, indien het een aanvraag betreft van de partner van een overleden kind van wie aannemelijk is dat het in aanmerking gekomen zou zijn voor toekenning van een tegemoetkoming op grond van de artikelen 2.10 of 2.11, indien:
- a.
die aanvraag is gedaan voorafgaand aan de datum van dagtekening van die beschikking; en
- b.
die beschikking een dagtekening heeft van na 22 april 2024.
4.
In afwijking van het eerste en tweede lid besluit de Dienst Toeslagen op een aanvraag als bedoeld in artikel 2.14c, eerste lid, binnen een termijn van zes maanden na dagtekening van de beschikking tot het toekennen van compensatie als bedoeld in artikel 2.14h, eerste lid, indien het een aanvraag betreft van de partner van een overleden kind van wie aannemelijk is dat het in aanmerking gekomen zou zijn voor toekenning van een tegemoetkoming op grond van de artikelen 2.11a of 2.11b, indien:
- a.
die aanvraag is gedaan voorafgaand aan de datum van dagtekening van die beschikking; en
- b.
die beschikking een dagtekening heeft van na 22 april 2024.
5.
Op een aanvraag als bedoeld in de artikelen 2.14d of 2.14e, eerste lid, besluit de Dienst Toeslagen binnen een termijn van zes maanden na het verstrijken van de op grond van artikel 6.1a geldende aanvraagtermijnen. Deze termijn kan eenmaal met maximaal zes maanden worden verlengd.