Einde inhoudsopgave
Wet op het financieel toezicht
Artikel 4:81c [Kredietservicer handelt te goeder trouw]
Geldend
Geldend vanaf 18-07-2025
- Bronpublicatie:
28-05-2025, Stb. 2025, 193 (uitgifte: 17-07-2025, kamerstukken: 36664)
- Inwerkingtreding
18-07-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
28-05-2025, Stb. 2025, 193 (uitgifte: 17-07-2025, kamerstukken: 36664)
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
Verzekeringsrecht / Algemeen
Verzekeringsrecht / Bijzondere onderwerpen
1.
Een kredietservicer, of in voorkomend geval een kredietservicingaanbieder, behandelt kredietnemers te goeder trouw, eerlijk en professioneel en beschermt de privacy van kredietnemers.
2.
Een kredietservicer, of in voorkomend geval een kredietservicingaanbieder, verstrekt aan kredietnemers geen informatie die misleidend, onduidelijk of onjuist is en communiceert met kredietnemers op een wijze die niet als intimidatie, dwang of ongepaste beïnvloeding kan worden aangemerkt.