Einde inhoudsopgave
Waterschapswet
Artikel 79 [De inspraakverordening]
Geldend
Geldend vanaf 01-01-2025
- Redactionele toelichting
Een verordening als bedoeld in lid 1, die gold voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van deze wijziging, behoudt haar rechtskracht tot uiterlijk twee jaar na dat tijdstip of bij eerdere intrekking van de verordening, tot de datum van intrekking.
- Bronpublicatie:
05-06-2024, Stb. 2024, 203 (uitgifte: 02-07-2024, kamerstukken: 36210)
- Inwerkingtreding
01-01-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
13-12-2024, Stb. 2024, 416 (uitgifte: 17-12-2024, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Vakgebied(en)
Staatsrecht / Decentralisatie
1.
Het algemeen bestuur stelt een verordening vast waarin regels worden gesteld met betrekking tot de wijze waarop ingezetenen en belanghebbenden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van het beleid van dat bestuur worden betrokken.
2.
Indien het algemeen bestuur de in het eerste lid bedoelde betrokkenheid regelt in de vorm van inspraak, dan wordt deze verleend door toepassing van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht, tenzij in de verordening anders is bepaald.
3.
In de verordening, bedoeld in het eerste lid, worden voorwaarden bepaald waaronder ingezetenen en maatschappelijke partijen taken kunnen uitvoeren die krachtens deze wet onderscheidenlijk bij of krachtens een andere wet aan het waterschapsbestuur zijn opgedragen, voor zover de uitvoering van de taak door een ander dan het waterschapsbestuur met het bij of krachtens deze wet onderscheidenlijk die wet bepaalde niet in strijd is.