Einde inhoudsopgave
Regeling tegemoetkoming rechtskundige hulp politie
Artikel 5
Geldend
Geldend vanaf 01-12-2022. Let op: treedt met terugwerkende kracht in werking vanaf 01-09-2022
- Bronpublicatie:
24-11-2022, Stcrt. 2022, 32135 (uitgifte: 30-11-2022, regelingnummer: 4248784)
- Inwerkingtreding
01-12-2022, terugwerkend tot: 01-09-2022
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
24-11-2022, Stcrt. 2022, 32135 (uitgifte: 30-11-2022, regelingnummer: 4248784)
- Vakgebied(en)
Politierecht / Bijzondere onderwerpen
Ambtenarenrecht / Arbeidsvoorwaarden
Ambtenarenrecht / Bijzondere onderwerpen
1.
Indien de wederpartij in een civiele procedure wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten, draagt de ambtenaar er zorg voor dat de vergoeding van deze kosten, voor zover deze als kosten van rechtskundige hulp moeten worden opgevat, toekomt aan het bevoegd gezag.
2.
Indien een schikking met de wederpartij tot stand komt draagt de ambtenaar er zo mogelijk zorg voor dat de kosten van rechtsbijstand in het schikkingsbedrag worden opgenomen en toekomen aan het bevoegd gezag.
3.
In een strafrechtelijke procedure draagt de ambtenaar zorg voor een verzoek tot vergoeding van kosten op grond van artikel 529 en 530 van het Wetboek van Strafvordering, tenzij het indienen van het verzoek onvoldoende grond heeft of kennelijk onredelijk is. De ambtenaar draagt er bij toewijzing van dit verzoek zorg voor dat deze vergoeding toekomt aan het bevoegd gezag.
4.
Bij de indiening van de aanvraag tot vergoeding van de kosten van rechtsbijstand wijst het bevoegd gezag de ambtenaar op het eerste tot en met derde lid van dit artikel.