Einde inhoudsopgave
Richtlijn 2009/16/EG betreffende havenstaatcontrole (Herschikking)
Artikel 2 Definities
Geldend
Geldend vanaf 05-01-2025
- Bronpublicatie:
27-11-2024, PbEU L 2024, 2024/3099 (uitgifte: 16-12-2024, regelingnummer: 2024/3099)
- Inwerkingtreding
05-01-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
27-11-2024, PbEU L 2024, 2024/3099 (uitgifte: 16-12-2024, regelingnummer: 2024/3099)
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Rechtshandhaving
Waterrecht (V)
In deze richtlijn wordt verstaan onder:
- 1)
‘Verdragen’: de volgende verdragen, met inbegrip van de op deze verdragen betrekking hebbende protocollen, wijzigingen en voorschriften met dwingend karakter, in de versie die van kracht is:
- a)
het Internationaal Verdrag betreffende de uitwatering van schepen van 1966 (LL 66);
- b)
het Internationaal Verdrag voor de veiligheid van mensenlevens op zee van 1974 (SOLAS 74);
- c)
het Internationaal Verdrag ter voorkoming van verontreiniging door schepen van 1973 en het daarop betrekking hebbende Protocol van 1978 (MARPOL 73/78);
- d)
het Internationaal Verdrag betreffende de normen voor zeevarenden inzake opleiding, diplomering en wachtdienst, 1978 (het ‘STCW-verdrag’);
- e)
- f)
- g)
vervallen;
- h)
- i)
het Verdrag betreffende maritieme arbeid, 2006 (Maritime Labour Convention 2006 — MLC 2006);
- j)
- k)
- l)
- m)
het Internationaal Verdrag van Nairobi inzake het opruimen van wrakken, 2007 (het ‘Verdrag van Nairobi’);
- n)
het Internationaal Verdrag van Hongkong voor het veilig en milieuvriendelijk recyclen van schepen, 2009 (het ‘Verdrag van Hongkong’).
- 2)
‘MOU van Parijs’: het op 26 januari 1982 te Parijs ondertekende Memorandum van overeenstemming inzake havenstaatcontrole, in de versie die van kracht is;
vervallen;
- 4)
‘Onder het MOU van Parijs vallend gebied’: het geografische gebied waarin de ondertekenende partijen bij het MOU van Parijs inspecties uitvoeren overeenkomstig het MOU van Parijs;
- 5)
‘Schip’: een zeegaand vaartuig waarop een of meer van de verdragen van toepassing zijn, varend onder een andere vlag dan die van de havenstaat;
- 6)
‘Schip/haven-raakvlak’: de interacties die plaatsvinden wanneer een schip rechtstreeks en onmiddellijk betrokken is bij acties die gepaard gaan met de verplaatsing van personen of goederen, dan wel de verlening van havendiensten aan of vanuit het schip;
- 7)
‘Schip voor een ankerplaats’: een schip in een haven of in een ander gebied onder de jurisdictie van een haven dat niet aan de kade ligt en een schip/haven-raakvlak uitvoert;
- 8)
‘Inspecteur’: een werknemer in de overheidssector of andere persoon die door de bevoegde instantie van een lidstaat van passende volmachten is voorzien om in het kader van de havenstaatcontrole inspecties uit te voeren, en aan die bevoegde instantie verantwoording verschuldigd is;
- 8 bis)
‘Inspectie’: een verificatie van de staat van het schip, de uitrusting en de bemanning ervan op basis van de toepasselijke verdragen, die wordt uitgevoerd door een inspecteur. De inspectie is geen onderzoek voor de afgifte, visering of verlenging van wettelijk voorgeschreven certificaten, en het daaruit voortvloeiende inspectierapport dat aan de kapitein van het schip wordt verstrekt is geen certificaat;
- 9)
‘Bevoegde instantie’: maritieme instantie die overeenkomstig deze richtlijn verantwoordelijk is voor de havenstaatcontrole;
- 10)
‘Nachttijd’: een periode van niet minder dan zeven uur, als gedefinieerd door de nationale wetgeving, die in ieder geval de periode tussen middernacht en 5.00 uur 's morgens moet omvatten;
- 11)
‘Eerste inspectie’: een inspectie door een inspecteur aan boord van een schip waarbij ten minste de uit hoofde van artikel 13, lid 1, vereiste controles;
- 12)
‘Meer gedetailleerde inspectie’: een inspectie die de elementen van een eerste inspectie omvat waarbij het schip en de uitrusting en de bemanning, geheel of, in voorkomend geval, gedeeltelijk onder de in artikel 13, lid 3, beschreven omstandigheden worden onderworpen aan een grondig onderzoek dat de constructie van het schip, de uitrusting, de personeelssterkte, de leef- en werkomstandigheden en de naleving van de operationele voorschriften aan boord bestrijkt;
- 13)
‘Uitgebreide inspectie’: een inspectie die ten minste de in bijlage VII opgesomde onderdelen en de elementen van een eerste inspectie omvat. Een uitgebreide inspectie kan een meer gedetailleerde inspectie omvatten indien daarvoor overeenkomstig artikel 13, lid 3, gegronde redenen zijn;
- 14)
‘Klacht’: informatie of rapport ingediend door een persoon of organisatie die een legitiem belang heeft bij de veiligheid van het schip, met inbegrip van de veiligheids- en gezondheidsrisico's voor de bemanning, leef- en werkomstandigheden aan boord en de voorkoming van verontreiniging;
- 15)
‘Aanhouding’: het formele verbod voor een schip om uit te varen omdat er tekortkomingen zijn geconstateerd die afzonderlijk of gezamenlijk maken dat het schip niet zeewaardig is;
- 16)
‘Besluit tot weigering van toegang’: een besluit dat aan de kapitein van het schip, de verantwoordelijke maatschappij en de vlaggenstaat wordt overhandigd waarbij wordt meegedeeld dat het schip de toegang tot alle havens en ankerplaatsen van de Gemeenschap wordt geweigerd;
- 17)
‘Stopzetting van een activiteit’: het formele verbod voor een schip om een activiteit voort te zetten omdat er tekortkomingen zijn geconstateerd die afzonderlijk of gezamenlijk maken dat voortzetting van deze activiteit gevaarlijk is;
- 18)
‘Maatschappij’: de eigenaar van het schip of een andere organisatie of persoon, zoals de bedrijfsvoerder of rompbevrachter, die de verantwoordelijkheid voor de exploitatie van het schip heeft overgenomen van de eigenaar en er daardoor mee heeft ingestemd alle door de Internationale Veiligheidsmanagementcode (ISM-code) voorgeschreven taken en verantwoordelijkheden op zich te nemen;
- 19)
‘Erkende organisatie’: classificatiebureau of ander privaatrechtelijk orgaan dat namens de vlaggenstaat een aantal wettelijk voorgeschreven taken verricht;
- 20)
‘Wettelijk voorgeschreven certificaat’: een door of namens een vlaggenstaat overeenkomstig de toepasselijke verdragen afgegeven certificaat;
- 21)
‘Klassecertificaat’: een document waarin wordt bevestigd dat wordt voldaan aan SOLAS 74, hoofdstuk II-1, deel A-1, voorschrift 3-1;
- 22)
‘Inspectiedatabank’: het informatiesysteem dat bijdraagt tot de uitvoering van de regeling inzake het havenstaatcontrolestelsel in de Gemeenschap en betreffende de gegevens van inspecties uitgevoerd in de Gemeenschap en in het onder het MOU van Parijs vallende gebied.;
- 23)
‘maritiem arbeidscertificaat’: het in voorschrift 5.1.3 van MLC 2006 bedoelde certificaat;
- 24)
‘conformiteitsverklaring voor maritieme arbeid’: de in voorschrift 5.1.3 van MLC 2006 bedoelde verklaring;
- 25)
‘ro-ro-passagiersschip’: een schip dat de nodige voorzieningen heeft om weg- of spoorvoertuigen het vaartuig op en af te laten rijden, en dat bestemd is voor het vervoer van meer dan twaalf passagiers;
- 26)
‘hogesnelheidspassagiersvaartuig’: een vaartuig als omschreven in hoofdstuk X, voorschrift 1, van het SOLAS-verdrag van 1974, dat bestemd is voor het vervoer van meer dan twaalf passagiers;
- 27)
‘geregelde dienst’: een reeks oversteken van een ro-ro-passagiersschip of een hogesnelheidspassagiersvaartuig ten behoeve van het verkeer tussen dezelfde twee of meer havens, of een reeks reizen van en naar dezelfde haven zonder tussenliggende aanloophavens, welke plaatsvinden:
- i)
volgens een gepubliceerde dienstregeling, of
- ii)
met een zodanige regelmaat of frequentie dat zij een herkenbare systematische reeks vormen;
Alle verwijzingen in deze richtlijn naar de verdragen, internationale codes en resoluties, waaronder voor certificaten en andere documenten, worden beschouwd als verwijzingen naar de actuele versies van die verdragen, internationale codes en resoluties.