Het ter beschikking stellen van een vermogensbestanddeel aan bijvoorbeeld de eigen bv of de onderneming van een verbonden persoon, is belast in box 1.
De tbs-regelingen
Wanneer iemand een vermogensbestanddeel ter beschikking stelt aan de onderneming of werkzaamheid van een verbonden persoon, of aan het samenwerkingsverband waar de onderneming of werkzaamheid van deze verbonden persoon deel van uitmaakt, is één van de terbeschikkingstellingsregelingen (hierna tbs-regelingen) van toepassing. De belastingheffing vindt dan niet plaats in box 3, maar in box 1 bij het Resultaat uit overige werkzaamheden. Door de toepassing van het winstregime zijn de kosten aftrekbaar en zijn vermogenswinsten- en verliezen belast.
Hetzelfde geldt indien een vermogensbestanddeel ter beschikking wordt gesteld aan een vennootschap of daarmee gelijkgestelde rechtsvorm, of een samenwerkingsverband waar die vennootschap of daarmee gelijkgestelde rechtsvorm deel van uitmaakt, indien degene die het vermogensbestanddeel ter beschikking stelt, of een met hem verbonden persoon, een aanmerkelijk belang heeft in die vennootschap.
Verbonden personen
De partner en de minderjarige kinderen van de belastingplichtige en/of zijn partner zijn voor de tbs-regelingen verbonden personen. Is de belastingplichtige zelf minderjarig, dan is ook een bloed- of aanverwant in de eerste graad van de opgaande lijn een verbonden persoon, oftewel de (stief)vader en (stief)moeder van de belastingplichtige.
Bij een ongebruikelijke terbeschikkingstelling gelden ook de bloed- en aanverwanten in de rechte lijn van de belastingplichtige en diens partner als verbonden persoon, zoals de meerderjarige zoon of dochter.
Ruime reikwijdte tbs-regelingen
Zowel de kwalificerende wijze van terbeschikkingstelling is ruim geformuleerd, als de vermogensbestanddelen die onder tbs-regeling vallen. Bij fictie is een aantal situaties aangemerkt als het ter beschikking stellen van een vermogensbestanddeel. Met name in de sfeer van koop- en putopties en borgstelling is de regeling opgerekt.
Mededeling van het Directoraat-generaal Belastingdienst/Corporate Dienst Vaktechniek van de Belastingdienst van 8 juli 2025, nr. 2025-3877, over het toepassen van de hardheidsclausule (art. 63 AWR), V-N Vandaag 2025/1380
R.E.C.M. Niessen, M van Kimmenaede, R. Nijhuis, M. Pot & G.T. Vernoij, 'De terbeschikkingstellingsregeling in de inkomstenbelasting', Geschrift van de Vereniging voor Belastingwetenschap nr. 226 en 227, Kluwer Deventer 2005
C.L. Gosen, 'Een toekomstperspectief van de terbeschikkingstellingsregeling', WFR 2009/632
J.P. Boeren & M.H.C. Ruijschop, 'Terbeschikkingstellingsregelingen, Een onderzoek naar vijftien jaar tbs-rechtspraak van de Hoge Raad', TFO 2016/142.1
N.M. Ligthart & H.K. Nijkamp, 'Knelpunten in de terbeschikkingstellingsregeling voor de dga', TFO 2019/160.3
Naslag
Cursus Belastingrecht, IB.3.4.3, Begrip werkzaamheid
Fiscale Encyclopedie, Vakstudie Inkomstenbelasting, art. 3.91 Wet IB 2001, aant. 1, Ter beschikking stellen van vermogensbestanddelen aan een onderneming of werkzaamheid
Stefan Muilwijk MSc
Belastingadviseur bij Watermill Tax & Legal
Meer over Stefan Muilwijk
Het ter beschikking stellen van een vermogensbestanddeel aan bijvoorbeeld de eigen bv of de onderneming van een verbonden persoon, is belast in box 1.
De tbs-regelingen
Wanneer iemand een vermogensbestanddeel ter beschikking stelt aan de onderneming of werkzaamheid van een verbonden persoon, of aan het samenwerkingsverband waar de onderneming of werkzaamheid van deze verbonden persoon deel van uitmaakt, is één van de terbeschikkingstellingsregelingen (hierna tbs-regelingen) van toepassing. De belastingheffing vindt dan niet plaats in box 3, maar in box 1 bij het Resultaat uit overige werkzaamheden. Door de toepassing van het winstregime zijn de kosten aftrekbaar en zijn vermogenswinsten- en verliezen belast.
Hetzelfde geldt indien een vermogensbestanddeel ter beschikking wordt gesteld aan een vennootschap of daarmee gelijkgestelde rechtsvorm, of een samenwerkingsverband waar die vennootschap of daarmee gelijkgestelde rechtsvorm deel van uitmaakt, indien degene die het vermogensbestanddeel ter beschikking stelt, of een met hem verbonden persoon, een aanmerkelijk belang heeft in die vennootschap.
Verbonden personen
De partner en de minderjarige kinderen van de belastingplichtige en/of zijn partner zijn voor de tbs-regelingen verbonden personen. Is de belastingplichtige zelf minderjarig, dan is ook een bloed- of aanverwant in de eerste graad van de opgaande lijn een verbonden persoon, oftewel de (stief)vader en (stief)moeder van de belastingplichtige.
Bij een ongebruikelijke terbeschikkingstelling gelden ook de bloed- en aanverwanten in de rechte lijn van de belastingplichtige en diens partner als verbonden persoon, zoals de meerderjarige zoon of dochter.
Ruime reikwijdte tbs-regelingen
Zowel de kwalificerende wijze van terbeschikkingstelling is ruim geformuleerd, als de vermogensbestanddelen die onder tbs-regeling vallen. Bij fictie is een aantal situaties aangemerkt als het ter beschikking stellen van een vermogensbestanddeel. Met name in de sfeer van koop- en putopties en borgstelling is de regeling opgerekt.
Documenten bij dit thema
Wetgeving
Artikel 3.91 Wet inkomstenbelasting 2001
Artikel 3.92 Wet inkomstenbelasting 2001
Artikel 3.93 Wet inkomstenbelasting 2001
Artikel 3.94 Wet inkomstenbelasting 2001
Artikel 3.95 Wet inkomstenbelasting 2001
Besluit van 15 januari 2026, nr. 2026-436, V-N 2026/10.3, TaxVisions 2026/8.1, TaxVisions editie 27 februari 2026
Mededeling van het Directoraat-generaal Belastingdienst/Corporate Dienst Vaktechniek van de Belastingdienst van 8 juli 2025, nr. 2025-3877, over het toepassen van de hardheidsclausule (art. 63 AWR), V-N Vandaag 2025/1380
Standaardarrest
HR 22 januari 2010, nr. 08/00327, ECLI:NL:HR:2010:BF2227, BNB 2010/190, V-N 2010/6.19, FED 2010/36, Belastingadvies 2010/4.4
HR 22 januari 2010, nr. 09/00654, ECLI:NL:PHR:2010:BI9790, BNB 2010/192, V-N 2010/6.20, FED 2010/37
HR 9 april 2010, nr. 09/01777, ECLI:NL:HR:2010:BM0473, BNB 2010/193, V-N 2010/18.21, FED 2010/114, Belastingadvies 2010/9.5
HR 13 april 2012, nr. 10/02196, ECLI:NL:HR:2012:BP6667, BNB 2012/190, V-N 2011/24.8, V-N 2012/20.15, FED 2012/117, Belastingadvies 2012/11.3
Belangrijkste uitspraken
Hof Arnhem, 26 oktober 2010, nr. 09/00444, ECLI:NL:GHARN:2010:BO3715, V-N 2011/10.18
HR 20 oktober 2017, nr.16/02260, ECLI:NL:HR:2017:2657, BNB 2018/33, V-N 2017/51.11, FED 2018/45, TaxVisions editie 27 oktober 2017
Hof Den Haag 20 oktober 2020, nr. 19/00655, ECLI:NL:GHDHA:2020:2241, V-N 2021/9.5, Belastingadvies 2021/6.1, TaxVisions editie 19 februari 2021
Literatuur
R.E.C.M. Niessen, M van Kimmenaede, R. Nijhuis, M. Pot & G.T. Vernoij, 'De terbeschikkingstellingsregeling in de inkomstenbelasting', Geschrift van de Vereniging voor Belastingwetenschap nr. 226 en 227, Kluwer Deventer 2005
J.J.M. Jansen, 'De hopeloze terbeschikkingstellingsregeling', WFR 2009/630
C.L. Gosen, 'Een toekomstperspectief van de terbeschikkingstellingsregeling', WFR 2009/632
J.P. Boeren & M.H.C. Ruijschop, 'Terbeschikkingstellingsregelingen, Een onderzoek naar vijftien jaar tbs-rechtspraak van de Hoge Raad', TFO 2016/142.1
N.M. Ligthart & H.K. Nijkamp, 'Knelpunten in de terbeschikkingstellingsregeling voor de dga', TFO 2019/160.3
Naslag
Cursus Belastingrecht, IB.3.4.3, Begrip werkzaamheid
Fiscale Encyclopedie, Vakstudie Inkomstenbelasting, art. 3.91 Wet IB 2001, aant. 1, Ter beschikking stellen van vermogensbestanddelen aan een onderneming of werkzaamheid
Verwante onderwerpen
Thema: De onzakelijke lening
Modellen
Fiscale Modellen II.A.3B.1