Wanneer iemand in het buitenland werkt, zal het woonland vaak belasting heffen. Afhankelijk van de situatie kan het heffingsrecht zijn toegewezen aan het werkland en verleent het woonland (Nederland) aftrek ter voorkoming van dubbele belasting. Voor werknemers gelden daarbij andere regels dan voor bestuurders.
Een werknemer die in Nederland woont maar in een ander land werkt, is soms belastingplichtig in het werkland. In dat geval kan/moet Nederland vaak een vermindering verlenen ter voorkoming van dubbele belasting.
Heffingsrecht
Heeft Nederland een belastingverdrag gesloten met het werkland dan gelden meestal de volgende drie voorwaarden om te bepalen welk land mag heffen:
1
de werknemer is fysiek aanwezig in het werkland gedurende meer dan 183 dagen in een jaar;
2
de beloning die de werknemer ontvangt wordt betaald door of namens een werkgever in het werkland;
3
de beloning die de werknemer ontvangt komt ten laste van een vaste inrichting die zijn (Nederlandse) werkgever heeft in het werkland.
Voldoet de werknemer aan één van deze voorwaarden, dan mag het werkland belasting heffen over zijn loon.
Belastingvermindering
Heeft Nederland geen belastingverdrag gesloten met het werkland en is het loon in dat land onderworpen aan belasting, dan kan in Nederland een vermindering van belasting worden geclaimd. Duurden de werkzaamheden korter dan 30 aaneengesloten dagen, dan geldt de eis dat in het werkland daadwerkelijk belasting is betaald over de looninkomsten. Duren de werkzaamheden in het niet-verdragsland minimaal drie aaneengesloten maanden, dan geldt de veronderstelling dat de inkomsten in het werkland onderworpen zijn aan belasting.
Bestuurder/commissaris
Iemand die in Nederland woont en werkzaam is als bestuurder of commissaris van een in een ander land gevestigde vennootschap, is mogelijk belastingplichtig in het andere land. Dat heeft tot gevolg dat het andere land belasting mag heffen over de bestuurders- of commissarisbeloning. Dit is in veel belastingverdragen zo geregeld. In Nederland kan men dan een vermindering claimen ter voorkoming van dubbele belasting.
Maatregelen coronacrisis
In verband met de coronacrisis heeft Nederland met Duitsland en België afspraken gemaakt over de allocatie van arbeidsinkomen als de werknemer noodgedwongen thuis heeft gewerkt terwijl hij dat normaal gesproken niet zou doen. Voor beide landen geldt dat de werknemer de allocatie mag toepassen op basis van de werklanden waar hij normaal gesproken zou hebben gewerkt. Deze afspraken golden voor de periode tussen 11 maart 2020 en 30 juni 2022.
M.J. Ellis en F.P.G. Potgens, 'Enige aspecten van het vaste-inrichtingsbegrip in het dienstbetrekking-artikel uit de belastingverdragen: beschouwing naar aanleiding van HR 12 oktober 2001', nr. 35 749, WFR 2003/43
Naslag
Vakstudie Nederlands Internationaal Belastingrecht, art. 15 OESO-modelverdrag 1992, aant. 1
Vakstudie Nederlands Internationaal Belastingrecht, art. 16 OESO-modelverdrag 1992, aant. 1
Cursus Belastingrecht, Grensarbeiders, prof. dr. M.J.G.A.M. Weerepas
Cursus Belastingrecht, Thuiswerken internationaal, prof. mr. F.P.G. Pötgens en prof. dr. M.J.G.A.M. Weerepas
Mr. Hans de Vries
Deskundige op het gebied van grensoverschrijdende arbeid
Senior adviseur internationale zaken/belastingadviseur bij AWVN
Meer over Hans de Vries
Wanneer iemand in het buitenland werkt, zal het woonland vaak belasting heffen. Afhankelijk van de situatie kan het heffingsrecht zijn toegewezen aan het werkland en verleent het woonland (Nederland) aftrek ter voorkoming van dubbele belasting. Voor werknemers gelden daarbij andere regels dan voor bestuurders.
Een werknemer die in Nederland woont maar in een ander land werkt, is soms belastingplichtig in het werkland. In dat geval kan/moet Nederland vaak een vermindering verlenen ter voorkoming van dubbele belasting.
Heffingsrecht
Heeft Nederland een belastingverdrag gesloten met het werkland dan gelden meestal de volgende drie voorwaarden om te bepalen welk land mag heffen:
de werknemer is fysiek aanwezig in het werkland gedurende meer dan 183 dagen in een jaar;
de beloning die de werknemer ontvangt wordt betaald door of namens een werkgever in het werkland;
de beloning die de werknemer ontvangt komt ten laste van een vaste inrichting die zijn (Nederlandse) werkgever heeft in het werkland.
Voldoet de werknemer aan één van deze voorwaarden, dan mag het werkland belasting heffen over zijn loon.
Belastingvermindering
Heeft Nederland geen belastingverdrag gesloten met het werkland en is het loon in dat land onderworpen aan belasting, dan kan in Nederland een vermindering van belasting worden geclaimd. Duurden de werkzaamheden korter dan 30 aaneengesloten dagen, dan geldt de eis dat in het werkland daadwerkelijk belasting is betaald over de looninkomsten. Duren de werkzaamheden in het niet-verdragsland minimaal drie aaneengesloten maanden, dan geldt de veronderstelling dat de inkomsten in het werkland onderworpen zijn aan belasting.
Bestuurder/commissaris
Iemand die in Nederland woont en werkzaam is als bestuurder of commissaris van een in een ander land gevestigde vennootschap, is mogelijk belastingplichtig in het andere land. Dat heeft tot gevolg dat het andere land belasting mag heffen over de bestuurders- of commissarisbeloning. Dit is in veel belastingverdragen zo geregeld. In Nederland kan men dan een vermindering claimen ter voorkoming van dubbele belasting.
Maatregelen coronacrisis
In verband met de coronacrisis heeft Nederland met Duitsland en België afspraken gemaakt over de allocatie van arbeidsinkomen als de werknemer noodgedwongen thuis heeft gewerkt terwijl hij dat normaal gesproken niet zou doen. Voor beide landen geldt dat de werknemer de allocatie mag toepassen op basis van de werklanden waar hij normaal gesproken zou hebben gewerkt. Deze afspraken golden voor de periode tussen 11 maart 2020 en 30 juni 2022.
Documenten bij dit thema
Wetgeving
Artikel 38 AWR
Artikel 8 BVDB
Besluit van 18 juli 2008, nr. CPP2007/664M, V-N 2008/39.7
Besluit van 7 september 2017, nr. IZV 2017-0000015971, V-N 2017/46.7
Besluit van 15 december 2023, nr. 2023-24021, V-N 2024/3.10
Belangrijkste uitspraken
HR 1 december 2006, nr. 40088 ECLI:NL:PHR:2006:AZ3169, V-N 2006/65.7, BNB 2007/79
HR 14 oktober 2022, nr. 21/00747, ECLI:NL:HR:2022:1436, BNB 2023/33, V-N 2022/45.8, FED 2023/44, TaxVisions, editie 21 oktober 2022
Literatuur
J.P. van ’t Hof en M.R.M. Deden, 'Het begrip ‘werkgever’ volgens artikel 15 OESO-modelverdrag nader toegelicht', WFR 2010/971
D. Hund, B.J.J.M. Lucas Luijckx, Wonen en werken in het buitenland (Belastingwijzers nr. 10), Deventer: Kluwer, 2008
H.M.B. van Dorst, 'Loonbelasting bij grensoverschrijdende arbeid', Belastingadvies 2004/14.8
M.J. Ellis en F.P.G. Potgens, 'Enige aspecten van het vaste-inrichtingsbegrip in het dienstbetrekking-artikel uit de belastingverdragen: beschouwing naar aanleiding van HR 12 oktober 2001', nr. 35 749, WFR 2003/43
Naslag
Vakstudie Nederlands Internationaal Belastingrecht, art. 15 OESO-modelverdrag 1992, aant. 1
Vakstudie Nederlands Internationaal Belastingrecht, art. 16 OESO-modelverdrag 1992, aant. 1
Cursus Belastingrecht, Grensarbeiders, prof. dr. M.J.G.A.M. Weerepas
Cursus Belastingrecht, Thuiswerken internationaal, prof. mr. F.P.G. Pötgens en prof. dr. M.J.G.A.M. Weerepas
Cursus Belastingrecht, IBR.0.4.3, Besluit voorkoming dubbele belasting
Cursus Belastingrecht, IBR 3.4.5, Inkomsten uit arbeid
Cursus Belastingrecht, LB.10.2, Besluit voorkoming dubbele belasting 2001
Verwante onderwerpen
Thema: Internationale sociale zekerheid
Thema: Grensoverschrijdende arbeid: wonen in Nederland, werken in het buitenland