TAR 2002/139
Vervolg op TAR 1998, 5. Bij het voorzien in de zaak na vernietiging van een eerder genomen besluit is het horen niet wettelijk voorgeschreven. I.c. daartoe ook geen aanleiding nu eerder uitdrukkelijk van het recht te worden gehoord afstand was gedaan en het tegendeel niet met opgave van redenen is kenbaar gemaakt. Vraag of oplegging van verbod van het gebruik van alcoholhoudende drank gedurende een reeks van dagen een beperking van de persoonlijke levenssfeer inhoudt die op een genoegzame wettelijke grondslag berust wordt onder verwijzing naar art. 44 Grondwet en art. 12, aanhef en onder o (thans q) van de Militaire Ambtenarenwet 1931 bevestigend beantwoord. Bij de afweging van belangen staat tegenover het gegeven dat de persoonlijke levenssfeer in geding was dat het drankverbod strekte tot het afweren van een concreet gebleken gevaar voor de algemene scheepsveiligheid en operationele paraatheid van de bemanning.
CRvB 03-05-2002, ECLI:NL:CRVB:2002:AE4696
- Instantie
Centrale Raad van Beroep
- Datum
3 mei 2002
- Magistraten
Talman
- Zaaknummer
98/8248 MAW
- LJN
AE4696
- Vakgebied(en)
Bestuursprocesrecht / Klachtbehandeling
- Brondocumenten
ECLI:NL:CRVB:2002:AE4696, Uitspraak, Centrale Raad van Beroep, 03‑05‑2002
Essentie
Vervolg op TAR 1998, 5. Bij het voorzien in de zaak na vernietiging van een eerder genomen besluit is het horen niet wettelijk voorgeschreven. I.c. daartoe ook geen aanleiding nu eerder uitdrukkelijk van het recht te worden gehoord afstand was gedaan en het tegendeel niet met opgave van redenen is kenbaar gemaakt. Vraag of oplegging van verbod van het gebruik van alcoholhoudende drank gedurende een reeks van dagen een beperking van de persoonlijke levenssfeer inhoudt die op een genoegzame wettelijke grondslag berust wordt onder verwijzing naar art. 44 Grondwet en art. 12, aanhef en onder o (thans ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.