De kosten van de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
De kosten van de enquêteprocedure (VDHI nr. 177) 2022/3.2.1:3.2.1 Inleiding
De kosten van de enquêteprocedure (VDHI nr. 177) 2022/3.2.1
3.2.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. P.H.M. Broere, datum 12-05-2022
- Datum
12-05-2022
- Auteur
mr. P.H.M. Broere
- JCDI
JCDI:ADS652287:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In deze paragraaf beschrijf ik na een bespreking van de rechtspositie van de onderzoeker (par. 3.2.2) de aansprakelijkheidspositie van de onderzoeker. Ik breng daarbij een onderscheid aan tussen de civielrechtelijke aansprakelijkheidspositie (par. 3.2.3), strafrechtelijke aansprakelijkheidspositie (par. 3.2.4) en tuchtrechtelijke positie (par. 3.2.5) van de onderzoeker. Na een uiteenzetting van de mogelijke aansprakelijkheid van de Staat wegens de schending van art. 6 EVRM in de enquêteprocedure (par. 3.2.6), schets ik de (mogelijke) gevolgen van de (dreiging met) aansprakelijkstelling van de onderzoeker (par. 3.2.7) en bespreek ik enkele instrumenten die in de literatuur zijn voorgesteld of in de jurisprudentie zijn toegepast, ter voorkoming van (dreiging met) aansprakelijkstelling en de vaststelling van aansprakelijkheid van de onderzoeker (par. 3.2.8). De regeling van de kosten van verweer van de onderzoeker (art. 2:350 lid 3 BW) komt aan de orde in par. 3.3.