V-N Vandaag 2026/211
Consolidatieregeling overdrachtsbelasting niet van toepassing door ontbreken direct belang in onroerend goed BV’s
HR 06-02-2026, ECLI:NL:HR:2026:202
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
6 februari 2026
- Zaaknummer
25/01387
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
- Brondocumenten
Beroepschrift, Hoge Raad, 06‑02‑2026
ECLI:NL:HR:2026:202, Uitspraak, Hoge Raad, 06‑02‑2026
ECLI:NL:PHR:2025:1146, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 24‑10‑2025
- Wetingang
Art. 4 Wet BRV 1970
Essentie
De Hoge Raad oordeelt dat het voor de toepassing van art. 4 lid 4 onderdeel a WBR niet mogelijk is om het belang van de zonen in de werkmaatschappijen mee te tellen bij de beoordeling van de belangen van de drie onroerend goed BV's in die werkmaatschappijen. Daarvoor is namelijk vereist dat de zonen ook een belang hebben in deze onroerend goed BV's.
Samenvatting
X BV verkrijgt in 2022, in het kader van een afsplitsing, het geplaatste aandelenkapitaal in vier onroerend goed BV's. Drie van de vier BV’s houden elk een belang van 5% in een ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.