Verbondenheid in het belastingrecht
Einde inhoudsopgave
Verbondenheid in het belastingrecht (FM nr. 128) 2008/1.6:1.6 Opbouw van de studie
Verbondenheid in het belastingrecht (FM nr. 128) 2008/1.6
1.6 Opbouw van de studie
Documentgegevens:
Dr. R.N.F. Zuidgeest, datum 20-11-2008
- Datum
20-11-2008
- Auteur
Dr. R.N.F. Zuidgeest
- JCDI
JCDI:ADS611421:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Inkomen uit werk en woning (box 1) - niet-winst
Vennootschapsbelasting / Winstbepaling
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Vennootschapsbelasting / Algemeen
Inkomstenbelasting / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Dit onderzoek is als volgt opgebouwd. In hoofdstuk 2 wordt onderzocht welke aangrijpingspunten de bedrijfseconomie biedt voor de omschrijving van verbondenheid. Vervolgens is in hoofdstuk 3, 4 en 5 het privaatrechtelijke toetsingskader opgenomen in de vorm van een analyse van verbondenheid in het ondernemingsrecht, het jaarrekeningenrecht en het personen- en familierecht.
In hoofdstuk 6 tot en met 11 ga ik in op verbondenheid voor de inkomstenbelasting, vennootschapsbelasting, omzetbelasting, loonbelasting, overdrachtsbelasting en het successie- en schenkingsrecht. Per belasting wordt geanalyseerd welke rol ‘verbondenheid’ hierin speelt. De wettelijk omschreven verbondenheidsbegrippen worden nader onderzocht en getoetst aan het bedrijfseconomische en het privaatrechtelijke kader. Voorts beoordeel ik de neutraliteit ten aanzien van de rechtsvorm of samenlevingsvorm. De begrippen worden ook onderling vergeleken, rekening houdend met verschillen in aard en functie in de fiscale regelingen waarin zij voorkomen. Daarbij besteed ik aandacht aan het gebruik van open normen en scherpe normen. De onderlinge vergelijking dient om onnodige verschillen in het huidige begrippenkader aan het licht te brengen. Op basis hiervan doe ik aanbevelingen om te komen tot een logischer, duidelijker en zoveel mogelijk uniform begrippenkader.
Bij de analyses in hoofdstuk 6 tot en met 11 kies ik telkens voor dezelfde benadering, waarbij wordt beoogd per belastingwet alle verbondenheidsbegrippen te behandelen. Hierdoor kan een gedeeltelijke herhaling van sommige standpunten helaas niet in alle gevallen worden vermeden. Het voordeel van deze opzet is echter dat de hoofdstukken zelfstandig leesbaar zijn.
In de belastingwetten kunnen regelingen worden herkend waarin verbondenheid wel een rol speelt, maar niet nader is omschreven. Voor de inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting kan bijvoorbeeld worden gedacht aan het onderscheid tussen transparante en non-transparante samenwerkingsverbanden. Ten aanzien van de omzetbelasting heeft deze niet-gedefinieerde verbondenheid in de vorm van leerstukken als ‘vereenzelviging’, ‘entiteit’ en ‘partage’ zelfs de overhand. Ik neem deze regelingen ook in beschouwing, omdat zij eveneens blijk geven van verbondenheid.