De beveiliging van persoonsgegevens
Einde inhoudsopgave
De beveiliging van persoonsgegevens (O&R nr. 135) 2022/5.2.4.3:5.2.4.3 Evenredigheidsbeginsel
De beveiliging van persoonsgegevens (O&R nr. 135) 2022/5.2.4.3
5.2.4.3 Evenredigheidsbeginsel
Documentgegevens:
mr. J.A. Hofman, datum 01-07-2022
- Datum
01-07-2022
- Auteur
mr. J.A. Hofman
- JCDI
JCDI:ADS660964:1
- Vakgebied(en)
Privacy (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Bijv. HvJ EU 9 november 2010, ECLI:EU:C:2010:662, pt. 77 (Volker en Schecke); HvJ EU 8 april 2014, ECLI:EU:C:2014:238, pt. 52 (Digital Rights Ireland); HvJ EU 11 december 2014, ECLI:EU:C:2014:2428, i.h.b. pt. 29 (Ryneš). Soms wordt alleen verwezen naar het recht op de eerbiediging van het privéleven (zie bijv. de laatste uitspraak). Dit komt vermoedelijk omdat het recht op de bescherming van persoonsgegevens de eerste keer dat deze (inmiddels) standaardoverweging werd gebezigd nog niet was erkend (zie §4.6).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In de context van het persoonsgegevensbeschermingsrecht heeft het HvJ EU de evenredigheid van een inmenging in het recht op de eerbiediging van het privéleven alleen gelijktijdig en tezamen beoordeeld met de evenredigheid van de inmenging in het recht op de bescherming van persoonsgegevens.1 De eisen en inzichten die hieruit volgen voor inmengingen in het recht op de eerbiediging van het privéleven, zijn dan ook hetzelfde als die die ik in §5.2.3.3 heb beschreven. Ik verwijs in het kader van de toepassing van dit beginsel op het recht op de eerbiediging van het privéleven daarom naar deze paragraaf.