AB 2025/287
Beroep tegen niet-tijdig beslissen. Beroepschrift onredelijk laat ingediend. Principale beroep in cassatie gegrond.
HR 02-05-2025, ECLI:NL:HR:2025:711, m.nt. R.C.A. de Graaf
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
2 mei 2025
- Magistraten
Mrs. M.W.C. Feteris, M.T. Boerlage, A.E.H. van der Voort Maarschalk, W.A.P. van Roij, C.J. Borman
- Zaaknummer
23/02737
- Noot
R.C.A. de Graaf
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD32130:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht (V)
Fiscaal procesrecht / Beroepsfase
Bestuursprocesrecht / Beroep
- Brondocumenten
Beroepschrift, Hoge Raad, 02‑05‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 02‑05‑2025
ECLI:NL:HR:2025:711, Uitspraak, Hoge Raad, 02‑05‑2025
ECLI:NL:PHR:2024:1256, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 22‑11‑2024
- Wetingang
Art. 6:12 lid 4 Awb
Essentie
Beroep tegen niet-tijdig beslissen. Beroepschrift onredelijk laat ingediend. Principale beroep in cassatie gegrond.
Samenvatting
Bij de beoordeling van de ontvankelijkheid van een beroep wegens niet-tijdig beslissen op bezwaar, kan als uitgangspunt worden genomen dat het beroepschrift onredelijk laat is ingediend indien het is ingediend meer dan een jaar na het moment waarop het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen.
In dit geval is het beroep ingesteld ruim drie en een half jaar nadat de eerste uitspraak in beroep, op grond waarvan de heffingsambtenaar opnieuw uitspraak op de bezwaren moest doen, onherroepelijk is geworden. De stukken ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.