NJ 2025/303
Hoge Raad neemt beroep verdachte niet in behandeling, nu niet op de voorgeschreven manier een schriftuur met cassatiemiddelen is ingediend.
HR 14-10-2025, ECLI:NL:HR:2025:1505
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
14 oktober 2025
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, C. Caminada, F. Posthumus
- Zaaknummer
23/04030
- Conclusie
A-G mr. T.N.B.M. Spronken
- Noot
Red. Aant.
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD33313:1
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1505, Uitspraak, Hoge Raad, 14‑10‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:687, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 08‑07‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 27‑06‑2024
- Wetingang
Art. 432a Sv; art. 4.2.4, 4.3.3.3 Procesreglement Hoge Raad der Nederlanden
Essentie
De Hoge Raad kan het beroep van de verdachte niet in behandeling nemen, nu deze niet op de voorgeschreven manier door een raadsman een schriftuur met cassatiemiddelen heeft doen indienen.
Samenvatting
De schriftuur is in strijd met art. 432a Sv en art. 4.2.4 en 4.3.3.3 van het Procesreglement Hoge Raad der Nederlanden door de raadsman niet ingediend door plaatsing in het webportaal. De raadsman is in de gelegenheid gesteld dit verzuim te herstellen maar daarvan is geen gebruik gemaakt.
De verdachte heeft dus niet op de voorgeschreven manier bij de Hoge ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.