Einde inhoudsopgave
Speaking the same language (AN nr. 181) 2023/5.3.3.2
5.3.3.2 De legitieme portie
mr. K.R. Filesia, datum 25-09-2023
- Datum
25-09-2023
- Auteur
mr. K.R. Filesia
- JCDI
JCDI:ADS717447:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Het Anglo-Amerikaanse recht, in het bijzonder het Engelse recht kent evenwel een regeling, de zogenoemde ‘Inheritance (Provision for Family and Dependants) Act 1975’, waarbij de rechter een beperkte discretionaire bevoegdheid heeft tot het toekennen van aanspraken aan een kring der personen – waaronder de langstlevende echtgenoot, de partner, de kinderen of andere personen die financieel afhankelijk zijn van de erflater – op een deel van de nalatenschap van de erflater, indien zij kunnen aantonen dat de erflater te hunnen behoeve geen redelijke financiële voorziening heeft getroffen en als gevolg hiervan een bepaalde behoeftigheid hunnerzijds is ontstaan. Voor een uitvoerige uiteenzetting hiervan zie: A. Learmonth e.a., Williams, Mortimer and Sunnucks on Executors, Administrators and Probate, London: Sweet & Maxwell 2018, p. 1015-1094.
Zie hiervoor paragraaf 4.3.5.
Vgl. ook: HR 9 oktober 2020, ECLI:NL:HR:2020:1589, NJ 2020/380.
Een belangrijke overweging van de Nederlandse wetgever om af te zien van de introductie van een eigen trustwetgeving was de vrees die bestond inzake de benadeling van schuldeisers met betrekking tot de instelling en het bestaan van een trust.1 Eén van de schuldeisers van wie de belangen in relatie tot de trust in beschouwing moet worden genomen, is de legitimaris in het erfrecht.2 Ingevolge art. 4:63 BW hebben legitimarissen, oftewel bepaalde afstammelingen van de erflater, dwingendrechtelijke aanspraken op een gedeelte van de waarde van zijn vermogen, de zogenoemde ‘legitieme portie’. In tegenstelling tot het Nederlandse recht komt een soortgelijke regeling in het Anglo-Amerikaanse erfrecht niet voor.3 Voor wat betreft het Curaçaose recht is gelijktijdig met de invoering van de trust de legitieme portie in het erfrecht afgeschaft.4
Indien geopteerd wordt voor de invoering van de trust in het Nederlandse recht, dient zonder meer rekening te worden gehouden met de figuur van de legitieme portie. Anders dan wordt verondersteld, behoeft de invoering van de trust een beroep op de legitieme portie niet in de weg te staan.
In het onderstaande wordt besproken of en in hoeverre de inbreng van goederen in een trust in aanmerking moet worden genomen ter bepaling van de omvang van de legitieme portie.5 Voorts wordt uiteengezet op welke wijze de berekening van de legitieme portie dient te geschieden in het kader van de trust.
5.3.3.2.1 Kwalificeert een inbreng van goederen in een trust als gift?5.3.3.2.2 In aanmerking genomen giften en de waardering van de inbreng van de goederen in de trust5.3.3.2.3 Giften die in het kader van de trust in mindering worden gebracht5.3.3.2.4 Inkorting van giften in het kader van de trust