Einde inhoudsopgave
Re-integratie zieke werknemer (MSR nr. 66) 2014/1.3
1.3 Invloed van de Europese Unie
mr.dr. G.A. Diebels, datum 24-09-2014
- Datum
24-09-2014
- Auteur
mr.dr. G.A. Diebels
- JCDI
JCDI:ADS574470:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Europees arbeidsrecht
Rechtswetenschap / Algemeen
Sociale zekerheid arbeidsongeschiktheid / Re-integratie
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Zie uitgebreid hoofdstuk 4.
Europese Commissie, European Disability Strategy 2010-2020: A Renewed Commitment to a Barrier- Free Europe, SEC (2010) 1323 en 1324, 15 november 2010, p.3. ‘Disability’ is: ‘…those who have longterm physical, mental, intellectual or sensory impairments which in interaction with various barriers may hinder their full and effective participation in society on an equal basis with others’, p.3. De term omvat méér dan alleen arbeidsongeschikten en is tegelijk niet beperkt tot gehandicapten.
Eurofound 2004, p. Volgens Eurofound heeft arbeidsongeschiktheid in bepaalde Lidstaten invloed op andere cijfers: bijvoorbeeld de hoge graad van werknemers in de EU dat vervroegd met pensioen gaat, zou in toenemende mate worden veroorzaakt door arbeidsongeschiktheid. De OESO had eerder zo’n verband niet gevonden, OESO, Transforming Disability into Ability. Policies to Promote Work and Income Security for Disabled People, 2003, p.10.
SCP 2012, p.101-102.
Iets andere cijfers biedt Lepke: 2008: 3,7%, 2009: 3,9%, 2010: 4,0%, 2011: 4,2% A. Lepke, Kündiging bei Krankheit, Erich Schmidt: Berlin 2012, p.9 (Betriebskrankenkassen, Pflichtmitglieder mit Entgeltfortzahlungsansprüche).
CPB, Werken in goede gezondheid. Werkgeversprikkels verbeteren. Perverse effecten tegengaan, Policy Brief, 2014/03, (CPB 2014), p.5.
Europese Commissie 2010, p.3.
Zie uitgebreid § 3.6 over OMC.
Bij het macroperspectief voor re-integratie is gewezen op de invloed van de EU, omdat de aandacht voor aanpak van arbeidsongeschiktheid uiteraard niet exclusief Nederlands is. Op een top in Lissabon in 2000 werd voor de Europese economie de doelstelling geformuleerd in 2010 ‘de meest concurrerende en dynamische kenniseconomie van de wereld te worden die in staat is tot duurzame economische groei met meer en betere banen en een hechtere sociale samenhang.’ Lidstaten moesten zich richten op drie doelstellingen te weten volledige werkgelegenheid, verbetering van de kwaliteit én productiviteit van de arbeid en versterking van de sociale cohesie. Hulpmiddel daarbij moet de al eerder genoemde notie van flexicurity zijn, gericht op het flexibeler maken van arbeid, de arbeidsorganisatie en arbeidsrelaties en tegelijkertijd aan het verschaffen van meer zekerheid aan werknemers (met name met een zwakke arbeidsmarktpositie).1 Deze ‘Lissabon-strategie’ is in aangescherpte vorm voortgezet met de zogeheten Europa 2020-strategie. Aandacht voor zieke werknemers is daar onderdeel van, omdat arbeidsongeschiktheid in Europa een belangrijk probleem vormt.
De Europese Commissie stelde in 2010 namelijk vast dat één op de zes EU-burgers te maken heeft met enige vorm van beperking. In totaal gaat het om 80 miljoen burgers ‘who are often prevented from taking part fully in society and the economy’.2 Uit eerder EU-onderzoek rond arbeidsongeschiktheid blijkt dat het aantal mensen met een arbeidsongeschiktheidsuitkering groeit tot wel 10% van de beroepsbevolking in bepaalde Lidstaten, terwijl in het algemeen de re-integratiesystemen niet adequaat zijn.3 In vrijwel alle EU-landen nemen mensen met een gezondheidsbeperking minder vaak aan het arbeidsproces deel dan mensen zonder zo’n beperking.4 Een vergelijking van een aantal cijfers tussen Nederland en Duitsland levert het volgende op:
ziekteverzuim (%)
1962
1979
1990
1999
2005
2006
2007
2008
2009
2010
2011
2012
2013
Nederland
6,0
10,0
6,8
5,3
4,8
4,5
4,2
4,1
4,0
4,2
4,3
4,0
3,9
Duitsland*
–
5,6
5,2
4,2
3,6
3,2
3,2
3,3
3,4
3,6
3,8
3,6
3,8
* gelijkluidende cijfers van het Bundesministerium für Gesundheit, de Bundeszentrale für politische Bildung en het Statistisches Bundesamt: ziekteverzuim dat langer dan drie dagen duurt, gemeten onder verplicht verzekerden onder de Krankenversicherung5
1990
1995
2000
2005
2006
2007
2008
Nederland
8,6
8,4
8,6
8,4
7,7
7,5
7,3
Duitsland
–
4,2
4,5
4,5
4,4
4,4
3,9
(bron: OESO 2010)
De publieke en verplichte private uitgaven aan ziekte en arbeidsongeschiktheid zijn daarbij onverminderd hoog: voor Nederland 3,8% van het bbp, voor Duitsland 3,5% terwijl het OESO-gemiddelde 2,6% is.6
Uit de cijfers blijkt nog niet van een succes van de ‘Lissabonstrategie’ als het om arbeidsongeschikte werknemers gaat. De noodzaak voor re-integratie bij arbeidsongeschiktheid wordt door de EU niettemin expliciet onderkend: ‘The social inclusion of people with a disability or illness is essential in order to achieve the objectives of the Lisbon Summit and to promote a more inclusive society.’7 Elke Lidstaat moet werk maken van de combinatie re-integratie en flexicurity op basis van zijn verplichtingen uit het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU), maar een Lidstaat mag dat wél doen op zijn eigen manier.8 Als die vrijheid bestaat, wordt van belang wat juridisch relevant is om re-integratie effectief vorm te geven.