Einde inhoudsopgave
De geschillenregeling ten gronde (VDHI nr. 108) 2011/II.2.3
II.2.3 De nabije toekomst
prof.mr. C.D.J. Bulten, datum 28-04-2011
- Datum
28-04-2011
- Auteur
prof.mr. C.D.J. Bulten
- JCDI
JCDI:ADS379798:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Kamerstukken 31 058, nr. 3 (MvT), p. 360. Delen van deze paragraaf ontleen ik aan Bulten (2007), p. 360-361 en 367-368. Zie over het wetsvoorstel Flex-BV, 'de meest ingrijpende operatie in het BV-recht sinds de invoering van de BV in 1971': Asser/Maeijer/Van Solinge & Nieuwe Weme 241* (2009), nr. 32 en 700. De Commissie Vennootschapsrecht was in haar advies uit 2007 positief over de voorgestelde wijzigingen van de geschillenregeling, zie Advies Cie Vennootschapsrecht (2007), punt 14.
De uittredingsregeling in het BWNA (en haar voorganger in art. 50 LBV) is eveneens ontworpen uit het oogpunt van minderheidsbescherming. Dit omdat de Nederlands Antilliaanse boek 2 BW zelfs `maximale vrijheid en maximale flexibiliteit' als uitgangspunten heeft. Zie Frielink (2006), p. 5. Zie ook Van Schilfgaarde (2000), p. 271-272.
Kamerstukken 31 058, nr. 3 (MvT), p. 4.
Kamerstukken 31 058, nr. 3 (MvT), p. 17 en 20. Zie voor een bespreking van de voorgestelde wijzigingen in het wetsvoorstel Flex-BV: Bulten (2007), p. 360-368; Croiset van Uchelen (2007), p. 258-262; Roest (2007), p. 959-965; Van der Sangen (2008), p. 1-9; Verhaar (2008), p. 46-61; en Willems (2008), p. 79-93.
Zie Van Schilfgaarde/Winter (2009), § 114.
Eén van de uitgangspunten bij de herziening van het BV-recht was om de aandeelhouders meer vrijheid te geven de onderneming naar eigen inzicht en wensen vorm te geven. De gedachte was om van de BV een voor de praktijk meer bruikbare rechtsvorm te maken. Om ervoor te waken dat de nieuwe BV een 'onbetrouwbare' rechtspersoon wordt, zijn waarborgen voor bepaalde bij de vennootschap betrokken partijen in de herziene BV-regeling opgenomen. Hierbij is niet alleen aan de schuldeisers als 'betrokken partij' gedacht, maar ook aan de minderheidsaandeelhouders.1
Het sluitstuk van de bescherming biedt de geschillenregeling.2 De bestaande regeling in titel 8 van boek 2 BW wordt aangepast. De geschillenregeling is in het wetsvoorstel Flex-BV `gestroomlijnd'.3 De voorgestane vrijheid van inrichting van de BV kan aanleiding geven tot meer conflicten tussen aandeelhouders. De regering wil de minderheidsaandeelhouder die bij een flexibele BV in de knel komt, betere mogelijkheden bieden om aan deze positie een einde te maken. De uittreding van art. 2:343 BW was de hiervoor aangewezen procedure.4
Het wetsvoorstel Flex-BV 'zet de schop in de geschillenregeling'.5 Zoals ik in § II.2.2.b aangaf, zullen de diverse wijzigingen van de geschillenregeling als gevolg van dit wetsvoorstel in de volgende hoofdstukken onderwerpsgewijs aan de orde komen. Met de wijzigingen in het wetsvoorstel Flex-BV wordt de regeling naar ieders verwachting (ook de mijne) effectiever dan thans het geval is. De procedurele knelpunten zijn voor een groot gedeelte opgelost. Ondanks de tijdsbesparing voorspel ik dat de geschillenregeling de zwakke zuster van titel 8 van boek 2 BW blijft.6
De verzoekschriftprocedure van art. 343c Wv Flex-BV is geheel nieuw. Als de aandeelhouders of de vennootschap overeenstemming hebben bereikt over het uittreden van een der aandeelhouders, maar nog onenigheid hebben over de waarde van de over te dragen aandelen, biedt deze nieuwe bepaling soelaas. Voor deze verkorte of snelle procedure diende de creatieve toepassing van het enquêterecht en de Antilliaanse geschillenregeling tot inspiratie. Ik bespreek de procedure van art. 343c Flex-BV in § V.3.6.b.