Einde inhoudsopgave
De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure (IVOR nr. 105) 2017/17.4.2
17.4.2 Beperkte rechten en beslag op aandelen
F. Eikelboom, datum 01-06-2017
- Datum
01-06-2017
- Auteur
F. Eikelboom
- JCDI
JCDI:ADS372158:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Zie par. 17.5.2.2 en 17.5.2.3.
Asser/Bartels en Van Mierlo 3-IV, nr. 30, nr. 285.
Zie art. 3:81 lid 2 BW en art. 3:258 BW.
Vgl. art. 2:118 lid 6 BW en art. 2:228 lid 6 BW. Het onder beheer stellen van een vruchtgebruik behoort tot de absolute competentie van de rechtbank (art. 3:221 BW). Zie voorts art. 3:257 BW.
Zie argument (iii) in par. 17.8.5.3.
Art. 438 Rv en art. 705 Rv. Vgl. Hof Amsterdam (OK) 7 december 2010, JOR 2011/45 m.nt. Josephus Jitta (Corporate Express), r.o. 3.25 en 5 december 2014, JOR 2015/229 m.nt. Van der Korst (Leaderland).
Uit de rechtspraak van de ondernemingskamer blijkt niet eenduidig of zij de aandelen zelf overdraagt, of dat sprake is van reële executie van de verplichting van de getroffen aandeelhouder om deze over te dragen.1 Indien de ondernemingskamer deze overdraagt, vormt dat een uitzondering op de zogeheten nemo-plusregel, die (kort gezegd) inhoudt dat niemand meer rechten aan een ander kan overdragen dan hij zelf heeft.2 Wel geldt de nemo-plusregel in zoverre dat de ondernemingskamer niet meer rechten kan overdragen dan de oorspronkelijke aandeelhouder had. Had (bijvoorbeeld) deze aandeelhouder zijn aandelen verpand, dan kan de ondernemingskamer dat pandrecht niet opheffen.3
Als het gedrag van pandhouder en vruchtgebruikers daartoe aanleiding geeft, kan de ondernemingskamer mijns inziens hun (eventuele) stemrecht tijdelijk ontnemen door middel van de (onmiddellijke) voorziening tijdelijke afwijking van de statuten.4 Anderen zullen mogelijk menen dat een dergelijke (onmiddellijke) voorziening niet mogelijk is, omdat in plaats daarvan op de voet van art. 2:342 BW in een procedure bij de rechtbank gevor-derd moet worden dat het stemrecht teruggaat naar de aandeelhouder.5
Het opheffen van een eventueel beslag op de desbetreffende aandelen valt buiten de absolute competentie van de ondernemingskamer.6 Indien de aandelen waren beslagen voordat de ondernemingskamer deze overdroeg, dan blijft het beslag daarop dus rusten.
De executieverkoop van de in beheer gegeven aandelen komt in par. 17.8.3 aan de orde.