Executele
Einde inhoudsopgave
Executele (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2007/IV.C.2:IV.C.2. Een redelijk loon in de zin van art. 7:405 lid 2 BW
Executele (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2007/IV.C.2
IV.C.2. Een redelijk loon in de zin van art. 7:405 lid 2 BW
Documentgegevens:
Prof.mr. B.M.E.M. Schols, datum 07-12-2007
- Datum
07-12-2007
- Auteur
Prof.mr. B.M.E.M. Schols
- JCDI
JCDI:ADS407167:1
- Vakgebied(en)
Erfrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De niet beroepsmatige lasthebber heeft in beginsel geen aanspraak op loon.1 Voor de beroepsmatige lasthebber geldt art. 7:405 BW:2
1.Indien de overeenkomst door de opdrachtnemer in de uitoefening van zijn beroep of bedrijf is aangegaan, is de opdrachtgever hem loon verschuldigd.
Indien loon is verschuldigd doch de hoogte niet door partijen is bepaald, is de opdrachtgever het op gebruikelijke wijze berekende loon of, bij gebreke daarvan, een redelijk loon verschuldigd.
Van der Grinten merkt op dat de niet professionele lasthebber die niet een duidelijk loonbeding heeft gemaakt, slechts dan tot loon gerechtigd is indien naar redelijkheid en billijkheid loonbetaling geboden is.3 De redelijkheid wordt zijns inziens ingevuld door omstandigheden, zoals de inspanning, de tijdsbesteding, een familiale of vriendschapsrelatie. Indien ik de opdracht: afwikkeling van de nalatenschap tegen het criterium van art. 7:405 BWen de door Van der Grinten gegeven uitleg houd, ligt de waarheid in het midden, aangezien aan de ene kant de afwikkeling zich veelal in de familiesfeer afspeelt, maar er aan de andere kant vanzelfsprekend ook mensen zijn die zich professioneel met boedelafwikkeling bezighouden, zoals notarissen. Wat tijdsbesteding en inspanning betreft, zullen er ook in de afwikkeling van de gemiddelde nalatenschap toch nog heel wat uren gestopt worden, zodat aan de ene kant een vergoeding hiervoor ook niet onredelijk is, zij het dat men zich aan de andere kant ook weer iets bij gedachte van erflater kan voorstellen dat familie en vrienden het karwei maar 'om niet' moeten opknappen, nu er tenslotte ook geerfdwordt.
Hoe de wetgever vindt dat de afwikkeling van de 'gemiddelde nalatenschap' in het nieuwe Boek 4 beloond zou moeten worden, zal hierna worden ingegaan.
Voor de onkosten van de lasthebber is art. 7:406 lid 1 BW geschreven:
'De opdrachtgever moet aan de opdrachtnemer de onkosten verbonden aan de uitvoering van de opdracht vergoeden, voor zover deze niet in het loon zijn begrepen'.
Nogmaals merk ik op dat dit soort bepalingen uit titel 7.7 'opdracht' van belang kunnen zijn om nadere invulling te geven aan 'open plekken' in afdeling 4.5.6 'executele'. En ook al zijn zij niet rechtstreeks van toepassing dan zal er in ieder geval sprake zijn van een 'reflexwerking' naar de quasi-opdracht: executele.