De aansprakelijkheid op grond van een 403-verklaring
Einde inhoudsopgave
De aansprakelijkheid op grond van een 403-verklaring (IVOR nr. 122) 2021/6.3.7.b:6.3.7.b Duiding van de 403-vordering als een dynamische vordering
De aansprakelijkheid op grond van een 403-verklaring (IVOR nr. 122) 2021/6.3.7.b
6.3.7.b Duiding van de 403-vordering als een dynamische vordering
Documentgegevens:
mr. E.A. van Dooren, datum 01-01-2021
- Datum
01-01-2021
- Auteur
mr. E.A. van Dooren
- JCDI
JCDI:ADS250177:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Jaarrekeningenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Als de 403-vordering wordt geduid als een dynamische vordering komt deze toe aan degene met de corresponderende vordering op de 403-maatschappij. Enkel de crediteuren van de 403-maatschappij kunnen een beroep doen op de 403-verklaring en hebben uit dien hoofde een vordering op de moedermaatschappij. Aangezien de 403-vordering altijd toekomt aan degene met de corresponderende vordering op de 403-maatschappij, is eerstgenoemde vordering niet zelfstandig overdraagbaar en kan deze daarom op grond van art. 3:228 BW ook niet worden verpand.
De omstandigheid dat alleen degenen met een vordering op de 403-maatschappij een beroep kunnen doen op de 403-verklaring en uit dien hoofde een vordering hebben op de moedermaatschappij, is niet relevant bij de verpanding van de vordering op de 403-maatschappij. Aangezien de duiding van de 403-vordering als een dynamische vordering een variant is op de duiding als een hoofdelijke vordering, gelden op dit punt daarom de rechtsgevolgen overeenkomstig laatstgenoemde duiding.1 Dit betekent dat de crediteur de vordering op de 403-maatschappij zelfstandig kan verpanden. De pandhouder heeft dan niet tevens een pandrecht op de (dynamische) 403-vordering.2