RBP 2024/30
Dwangsom. Kan een aanvrager van een faillissement een redelijk belang hebben indien de oorspronkelijke aanvraag uitsluitend gebaseerd was op verbeurde bestuursrechtelijke dwangsommen?
Hof Arnhem-Leeuwarden 28-12-2023, ECLI:NL:GHARL:2023:10935
- Instantie
Hof Arnhem-Leeuwarden
- Datum
28 december 2023
- Magistraten
Mrs. M.P.M. Hennekens, G.P. Oosterhoff, H. Wammes
- Zaaknummer
200.334.337
- JCDI
JCDI:ADS957022:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Handhaving algemeen
Insolventierecht / Faillissement
Burgerlijk procesrecht / Beslag en executie
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHARL:2023:10935, Uitspraak, Hof Arnhem-Leeuwarden, 28‑12‑2023
ECLI:NL:GHARL:2023:10714, Uitspraak, Hof Arnhem-Leeuwarden, 06‑12‑2023
- Wetingang
Art. 611e Rv
Essentie
Dwangsom. Faillissementsverzoek. Redelijk belang.
Kan een aanvrager van een faillissement een redelijk belang hebben indien de oorspronkelijke aanvraag uitsluitend gebaseerd was op verbeurde bestuursrechtelijke dwangsommen?
Samenvatting
Geïntimeerde in deze procedure (de “Gemeente”) heeft de rechtbank verzocht appellanten (de vof (“Appellante 1”) en haar (enige) vennoten (“Appellant 2”) en (“Appellante 3”), hierna gezamenlijk “Appellanten”) in staat van faillissement te verklaren. De rechtbank heeft Appellanten in staat van faillissement verklaard. Appellanten hebben tegen dat vonnis hoger beroep ingesteld. Partijen en de curator zijn door het hof in de gelegenheid gesteld zich bij akte uit te laten over de vraag ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.