Einde inhoudsopgave
Het besluit van de rechtspersoon (VDHI nr. 162) 2020/VIII.1
VIII.1 Inleiding
mr. K.A.M. van Vught, datum 20-11-2019
- Datum
20-11-2019
- Auteur
mr. K.A.M. van Vught
- JCDI
JCDI:ADS178902:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Zie over de voor- en nadelen van arbitrage Van der Kraan 2017, p. 105-106, Westermann 2017, p. 39-41 en GS Burgerlijke Rechtsvordering/Snijders 2018, boek 4 Rv, aant. 1.8.1.
HR 10 november 2006, NJ 2007/561, m.nt. Snijders, JOR 2007/5, m.nt. Sanders (Groenselect), rov. 3.5.
De ontwikkelingen in Duitsland zijn veelvuldig opgemerkt, maar nog niet grondig bezien. Zie A-G Timmerman, in zijn conclusie voor HR 26 november 2010, NJ 2011/55 (Silver Lining), onder 3.20-3.22, Meijer 2010, par. 2.7, De Mol van Otterloo 2011, p. 21-22 en 25-28, Van der Bend & Roessingh 2012, Meerdink & Vermeulen 2012, par. 5 en De Jongh 2016, p. 279.
Zonder twijfel heeft de vennootschappelijke praktijk behoefte aan arbitrage. Een scheidsgerecht kan een conflict efficiënt, discreet en deskundig uit de weg ruimen.1 Niet zonder reden erkent art. 2:337 lid 2 BW de mogelijkheid van arbitrage in het kader van de geschillenregeling. Toch is arbitrage naar geldend recht niet mogelijk waar rechtspersoonlijke besluiten in het geding zijn. In zijn Groenselect-arrest besliste de Hoge Raad namelijk dat een scheidsgerecht geen besluiten kan aantasten.2 Over dit oordeel – dat arbitrage in veel vennootschapsrechtelijke geschillen blokkeert – hebben velen zich inmiddels uitgelaten, nagenoeg steeds in kritische zin. Deze bijdrage biedt een beknopt overzicht van de discussie en voegt daaraan een vergelijking met het Duitse recht toe.3 In het Schiedsfähigkeit II-arrest uit 2009 merkt het Bundesgerichtshof besluiten in een GmbH onder voorwaarden aan als arbitrabel,4 hetgeen een excursie naar de oosterburen rechtvaardigt.
Centraal in deze bijdrage staat dan ook de vraag of besluiten arbitrabel moeten zijn en zo ja, of aan het Duitse recht inspiratie te ontlenen valt wat betreft de aan arbitrage te stellen voorwaarden. Ik bespreek de stand van het recht in Nederland (§ 2) en Duitsland (§ 3), om vervolgens te bezien of de Duitse oplossingen in Nederland passen (§ 4). Moet over besluiten kunnen worden gearbitreerd? Zo ja, onder welke voorwaarden?