Einde inhoudsopgave
De overeenkomst van Internet Service Providers met consumenten (R&P nr. 149) 2007/5.2.2.2
5.2.2.2 Vorm en werking van verklaringen: art. 6:236 sub I BW
mr. L.A.R. Siemerink, datum 13-03-2007
- Datum
13-03-2007
- Auteur
mr. L.A.R. Siemerink
- JCDI
JCDI:ADS383199:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Zie hoofdstuk 4 paragraaf 4.4.1.7 'Vorm en werking van verklaringen: art. 6:236 sub 1 BW' voor een uitgebreide beschrijving van art. 6:236 sub 1 BW.
Ktg. Zwolle 19 september 1995, Prg. 1996, nr. 4447.
Hof 's Hertogenbosch 2 januari 1995, TvC 1995, p. 177. Zie ook Ktg. Zaandam 12 februari 1998, TvC 1998, p. 114.
Zie bijlage paragraaf 5.1 'Algemene bedingen', onderdeel C. Duur en beëindiging.
Er ligt een (initiatief)wetsvoorstel bij de Tweede Kamer - Kamerstukken II 2005/2006, 30 520, nr. 1-3 - waarin wordt beoogd aan art. 6:236 BW een sub o toe te voegen dat luidt 'dat de wederpartij verbiedt om de overeenkomst, die schriftelijk of langs elektronische weg als bedoeld in artikel 227a lid 1 tot stand is gekomen, op een overeenkomstige wijze op te zeggen.' Deze bepaling zal er in voorzien dat een ISP niet mag eisen dat op een andere manier opgezegd moet worden, dan de wijze waarop een overeenkomst tot stand is gekomen. Dat betekent dat wanneer een isP-overeenkomst via een website (of per e-mail) is gesloten, deze ook via de website (of per e-mail) moet kunnen worden opgezegd, en niet geëist kan worden dat dit schriftelijk per brief gebeurt.
Parl. Gesch. Invoering boek 6, p. 1712.
Ktg. Zwolle 19 september 1995, Prg. 1996, nr. 4447.
Bedingen betreffende de wijze van verzending — per gewone post, per aangetekende brief, per fax, per e-mail — vallen onder art. 6:236 sub 1 Bw.1 Het kantongerecht Zwolle achtte een beding in algemene voorwaarden dat voor de opzegging van een abonnementsovereenkomst een aangetekend schrijven vereiste, onredelijk bezwarend op grond van art. 6:236 sub 1 BW.2 Eerder oordeelde het Gerechtshof 's-Hertogenbosch dat het in strijd was met de redelijkheid en billijkheid om zich op het ontbreken van een aangetekende brief te beroepen, terwijl met een telefonische opzegging akkoord werd gegaan.3 De opzeggingsbedingen die ik ben tegengekomen in de ISP-overeenkomsten worden daarom mede getoetst aan art 6:236 sub 1 BW.
Opzegging van een ISP-overeenkomst kan meestal uitsluitend schriftelijk plaatsvinden.4 Wanneer niet wordt vermeld hoe opzegging dient te geschieden, is het online c.q. elektronisch opzeggen van de overeenkomst op grond van art. 3:37 lid 1 BW ook geldig, bijvoorbeeld per e-mail.5 Sommige ISP's bieden de klant uitsluitend de mogelijkheid de overeenkomst schriftelijk op te zeggen, maar geven zichzelf ook de mogelijkheid om de overeenkomst per e-mail te beëindigen.
De laatste zin in het beding in art. 3 sub b van de algemene voorwaarden van Vuurwerk is opmerkelijk: voor de opzegging van de ISP-overeenkomst door de klant is een aangetekend schrijven vereist, terwijl dat niet het geval is voor opzegging door de ISP. Tiscali bepaalt in art. 15 lid 2 van haar algemene voorwaarden dat de overeenkomst door beide partijen uitsluitend schriftelijk aangetekend per post kan worden beëindigd. Het vormvereiste 'schriftelijk per aangetekende post' is onredelijk bezwarend op grond van art. 6:236 sub 1 BW. De MvT bij art. 6:236 sub 1 BW bepaalt:6
'Zo zal het beding dat verzending per aangetekende brief vereist steeds ongeoorloofd zijn, wat wordt gerechtvaardigd door de overweging dat een dergelijk beding tegen de wederpartij zou kunnen worden gebruikt, terwijl de voorgeschreven wijze van verzending juist haar belangen dient.'
De kantonrechter te Zwolle zegt het met andere woorden:7
'Omdat aangetekende verzending in het belang van gedaagde is, mag eiseres zich niet op het ontbreken van aangetekende verzending beroepen om haar eigen belangen te dienen.'