AB 2003, 260
Administratief beroep; hoorplicht; afzien van horen; kennelijk ongegrond; kennelijk niet-ontvankelijk; in gelegenheid stellen te worden gehoord.
Hof Leeuwarden 23-04-2003, ECLI:NL:GHLEE:2003:AF9157, m.nt. O.J.D.M.L. Jansen
- Instantie
Hof Leeuwarden
- Datum
23 april 2003
- Magistraten
Van Dijk, Poelman, Weenink
- Zaaknummer
WAHV03/00089
- Noot
O.J.D.M.L. Jansen
- LJN
AF9157
- JCDI
JCDI:ADS864337:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Bestuursrecht algemeen (V)
Bestuursprocesrecht / Administratief beroep
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHLEE:2003:AF9157, Uitspraak, Hof Leeuwarden, 23‑04‑2003
- Wetingang
Essentie
Administratief beroep; hoorplicht; afzien van horen; kennelijk ongegrond; kennelijk niet-ontvankelijk; in gelegenheid stellen te worden gehoord.
Samenvatting
Hoewel de tekst van art. 7:17 Awb evenals art. 7:3 Awb volgens de letterlijke tekst een expliciete verklaring van de betrokkene vereist, dat zij geen gebruik wil maken van het recht te worden gehoord, voordat van het horen van de betrokkene mag worden afgezien, blijkt uit de memorie van antwoord op art. 7:3 Awb dat in de visie van de indieners van het wetsontwerp ook ‘in reactie — ook door niet voor een bepaalde redelijke termijn te reageren — op een schriftelijke uitnodiging’ kan ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.