Einde inhoudsopgave
RvdW 1985, 10
HR, 21-12-1984, nr. 12372
HR 21-12-1984, ECLI:NL:PHR:1984:AG4928
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
21 december 1984
- Magistraten
Snijders, Van Den Blink, Hermans, Bloembergen, Boekman
- Zaaknummer
12372
- LJN
AG4928
- Vakgebied(en)
Financieel recht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1984:AG4928, Uitspraak, Hoge Raad, 21‑12‑1984
ECLI:NL:PHR:1984:AG4928, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 21‑12‑1984
- Wetingang
K art. 130 lid 5
Essentie
Wissels. Aval. Wettelijk vermoeden van art. 130 lid 5K. Tegenbewijs.
Samenvatting
Art. 130 lid 5K bevat een weerlegbaar wettelijk vermoeden. Tegen dat vermoeden mag tegenbewijs worden geleverd met alle middelen, en niet alleen met hetgeen blijkt uit de vermeldingen op de wisselbrief zelf.
Partij(en)
Seignette Handelsonderneming, te Beverwijk, eiseres tot cassatie, adv. Mr. J. D. Boetje,
tegen
1. Nederlandsche Middenstandsbank NV,
2. Nederlandsche Credietbank NV, beide te Amsterdam, verweersters in cassatie, adv. Mr. P.J.M. von Schmidt auf Altenstadt.
Uitspraak
1
Het geding in feitelijke instanties
Seignette heeft bij exploot van 26 aug. 1981 verweersters in ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.