Einde inhoudsopgave
RvdW 2003, 91
Arbeidsongeval schepeling; ‘eigen schuld’-verweer werkgever; strekking art. 450b K.
HR 09-05-2003, ECLI:NL:HR:2003:AF3412 (El Hachioui/Hester)
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
9 mei 2003
- Magistraten
R. Herrmann, D.H. Beukenhorst, A. Hammerstein, P.C. Kop, F.B. Bakels
- Zaaknummer
C01/226HR
- Conclusie
A-G Strikwerda
- LJN
AF3412
- Roepnaam
El Hachioui/Hester
- Vakgebied(en)
Vervoersrecht (V)
Arbeidsrecht / Algemeen
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Onrechtmatige daad
Arbeidsrecht / Einde arbeidsovereenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2003:AF3412, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 09‑05‑2003
ECLI:NL:HR:2003:AF3412, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 09‑05‑2003
Beroepschrift, Hoge Raad, 25‑07‑2001
- Wetingang
BW art. 7:658; K art. 391; K art. 450b
Essentie
Arbeidsongeval schepeling; ‘eigen schuld’-verweer werkgever; strekking art. 450bK.
In HR 12 april 2002, NJ 2003, 138, is — samengevat weergegeven — geoordeeld dat weliswaar art. 391K meebrengt dat art. 7:658 BW geen toepassing vindt t.a.v. de dienst van de kapitein aan boord van een schip, maar dat moet worden aanvaard dat art. 391 K, gelet op het stelsel van de wet t.a.v. door een werknemer aan de werkgever of aan een derde toegebrachte schade en op de ontstaansgeschiedenis van art. 391 K, niet eraan in de weg staat aan te nemen dat eventuele ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.