Einde inhoudsopgave
RvdW 2006, 497
Hoger beroep; ontvankelijkheid; onbegrijpelijk oordeel. Onbegrijpelijk oordeel hof inzake ontvankelijkheid van thans eiser tot cassatie in diens hoger beroep nu het hof kennelijk twee tussen partijen bij het hof aanhangige procedures niet uit elkaar heeft gehouden.
HR 12-05-2006, ECLI:NL:HR:2006:AV1576
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
12 mei 2006
- Magistraten
Mrs. J.C. van Oven, W.A.M. van Schendel, F.B. Bakels
- Zaaknummer
C05/091HR
- Conclusie
A-G Strikwerda
- LJN
AV1576
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2006:AV1576, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 12‑05‑2006
ECLI:NL:HR:2006:AV1576, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 12‑05‑2006
Essentie
Hoger beroep; ontvankelijkheid; onbegrijpelijk oordeel.
Onbegrijpelijk oordeel hof inzake ontvankelijkheid van thans eiser tot cassatie in diens hoger beroep nu het hof kennelijk twee tussen partijen bij het hof aanhangige procedures niet uit elkaar heeft gehouden.
Partij(en)
[Eiser], te [woonplaats], eiser tot cassatie, adv. mr. V.K.S. Budhu Lall,
tegen
Sedijko BV, te Amsterdam, verweerster in cassatie, niet verschenen.
Voorgaande uitspraak
Hoge Raad:
1. Het geding in feitelijke instanties
Verweerster in cassatie — verder te noemen: Sedijko — heeft bij exploot van 5 april 2001 eiser tot cassatie — verder te noemen: [eiser] — gedagvaard voor de rechtbank, sector ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.