Einde inhoudsopgave
RvdW 2007, 67
Wet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992. Ontbreken teruggaafregeling bij uitvoer: strijd met gemeenschapsrecht (art. 90 en 29 EG) dan wel met art. 26 IVBPR en art. 14 EVRM jo. art. 1 Protocol 1 bij EVRM?
HR 05-01-2007, ECLI:NL:PHR:2007:AU8958
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
5 januari 2007
- Magistraten
Mrs. D.G. van Vliet, A.E.M. van der Putt-Lauwers, F.W.G.M. van Brunschot, P. Lourens, E.N. Punt
- Zaaknummer
C05/123HR
- Conclusie
A-G De Wit
- LJN
AU8958
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Belastingen van rechtsverkeer (V)
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Internationaal belastingrecht / Discriminatieverbod
EU-recht (V)
Europees belastingrecht / Discriminatie
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2007:AU8958, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 05‑01‑2007
ECLI:NL:PHR:2007:AU8958, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 05‑01‑2007
Beroepschrift, Hoge Raad, 23‑03‑2005
- Wetingang
Essentie
Wet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992. Ontbreken teruggaafregeling bij uitvoer: strijd met gemeenschapsrecht (art. 90 en 29 EG) dan wel met art. 26 IVBPR en art. 14 EVRM jo. art. 1Protocol 1 bij EVRM?
Niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting m.b.t. het discriminatieverbod van art. 90 EG geeft 's hofs oordeel dat de omstandigheid dat de opbrengst van de heffing krachtens de Wet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992 (Wet BPM) rechtstreeks naar de staatskas vloeit en niet reeds bij voorbaat bestemd is ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.