Einde inhoudsopgave
RvdW 2007, 237
Verzoek tot opheffing faillissement onder gelijktijdig uitspreken van toepassing van de schuldsaneringsregeling. Afwijzing op grond dat aannemelijk is dat verzoekers t.a.v. ontstaan schulden niet te goeder trouw zijn geweest. Cassatieberoep verworpen met toepassing van art. 81 RO.
HR 23-02-2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ4073
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
23 februari 2007
- Magistraten
Mrs. P.C. Kop, A. Hammerstein, F.B. Bakels
- Zaaknummer
R06/106HR
- Conclusie
A-G Wuisman
- LJN
AZ4073
- Vakgebied(en)
Insolventierecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2007:AZ4073, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 23‑02‑2007
ECLI:NL:HR:2007:AZ4073, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 23‑02‑2007
Essentie
Verzoek tot opheffing faillissement onder gelijktijdig uitspreken van toepassing van de schuldsaneringsregeling. Afwijzing op grond dat aannemelijk is dat verzoekers t.a.v. ontstaan schulden niet te goeder trouw zijn geweest. Cassatieberoep verworpen met toepassing van art. 81 RO.
Partij(en)
- 1.
[Verzoeker 1],
- 2.
[Verzoeker 2],
verzoekers tot cassatie, adv. mr. M.A. Koot.
Voorgaande uitspraak
1
[Verzoeker 1],
2
[Verzoeker 2],
verzoekers tot cassatie, adv. mr. M.A. Koot.
Hoge Raad:
1. Het geding in feitelijke instanties
De vennootschap onder firma IBC Incassobemiddeling & Creditmanagement — verder te noemen: IBC — en haar vennoten, [verzoekers] (verzoekers tot cassatie), zijn ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.