TRA 2010, 59
HR, 19-03-2010, nr. 09/03617
HR 19-03-2010, ECLI:NL:HR:2010:BL1125, m.nt. J.J.M. de Laat
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
19 maart 2010
- Zaaknummer
09/03617
- Noot
J.J.M. de Laat
- LJN
BL1125
- JCDI
JCDI:ADS252958:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Verbintenissenrecht / Overgang en tenietgaan verbintenissen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2010:BL1125, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 19‑03‑2010
ECLI:NL:PHR:2010:BL1125, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 22‑01‑2010
- Wetingang
BW art. 7:632; BW art.6:127 e.v.; Rv art. 475c; Rv art. 475d
Essentie
Verrekening door de werkgever met een tegenvordering op de werknemer
Uitspraak
Feiten en oordeel Hoge Raad
De zaak bij de Hoge Raad is afgedaan op art. 81 RO, omdat de Hoge Raad vond dat de rechtseenheid en de rechtsontwikkeling onvoldoende gebaat zijn bij een beantwoording van de rechtsvragen. De P‑G vond dat de zaak slechts in aanmerking kwam voor een ‘verkorte conclusie’. Het door de werkgever ingestelde cassatieberoep was gericht tegen een arrest van Hof Arnhem van 31 augustus 2009. Bij dit arrest heeft het hof op het hoger beroep van de werkgever een vonnis van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.