AB 1999, 141
Vergoeding proceskosten; geen tegemoetkoming uit overwegingen van coulance.
CRvB 12-01-1999, ECLI:NL:CRVB:1999:AN5907, m.nt. H.E. Bröring
- Instantie
Centrale Raad van Beroep
- Datum
12 januari 1999
- Magistraten
Van den Hurk
- Zaaknummer
97/12454ABW
97/12456ABW
- Noot
H.E. Bröring
- LJN
AN5907
- JCDI
JCDI:ADS864966:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Sociale zekerheid algemeen / Algemeen
Bestuursprocesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:CRVB:1999:AN5907, Uitspraak, Centrale Raad van Beroep, 12‑01‑1999
- Wetingang
Awb art. 8:75a lid 1; Beroepswet art. 17 lid 1
Essentie
Vergoeding proceskosten; geen tegemoetkoming uit overwegingen van coulance.
Samenvatting
Verlening van een zgn. positieve verklaring met terugwerkende kracht ten behoeve van vreemdelingenbijstand leidt tot aanspraak met terugwerkende kracht op bijstandsuitkering. Het beroep tegen de eerdere weigering van bijstand is ingetrokken wegens het alsnog, met terugwerkende kracht, tegemoetkomen. Naar het oordeel van de Raad kan op grond van alle thans ter beschikking staande gegevens niet worden gezegd dat gedaagde onverplicht uit overwegingen van coulance aan verzoeker is tegemoetgekomen. In zoverre gedaagde beoogt te stellen dat hem met betrekking tot de gang van zaken geen enkel verwijt treft, merkt de Raad ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.