Belastingblad 2025/35
Cassatieprocedure over misslag griffierechtvergoeding in hoger beroep. Art. 19a Wet BPM (gelijkluidend aan art. 30a lid Wet WOZ) geldt volgens A-G Wattel voor alle BPM-procedures “gestart naar aanleiding van een voldoening op aangifte”, dus juist ook als het geschil alleen (nog) maar gaat over proceskostenvergoeding en griffierecht. Volmacht volgens A-G niet toereikend om alleen over griffierechtvergoeding te procederen.
HR (Parket) 13-12-2024, ECLI:NL:PHR:2024:1340, m.nt. Redactie
- Instantie
Hoge Raad (Parket)
- Datum
13 december 2024
- Zaaknummer
24/01331
- Conclusie
A-G P.J. Wattel
- Noot
Redactie
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS994343:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht (V)
Fiscaal procesrecht / Beroepsfase
Belastingheffing van motorrijtuigen / Belasting van personenauto's en motorrijwielen
Fiscaal procesrecht / Griffierecht
Fiscaal procesrecht / Proceskostenvergoeding
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:155, Uitspraak, Hoge Raad, 31‑01‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 31‑01‑2025
ECLI:NL:PHR:2024:1340, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 13‑12‑2024
Essentie
Cassatieprocedure over misslag griffierechtvergoeding in hoger beroep. Art. 19a Wet BPM (gelijkluidend aan art. 30a lid Wet WOZ) geldt volgens A-G Wattel voor alle BPM-procedures “gestart naar aanleiding van een voldoening op aangifte”, dus juist ook als het geschil alleen (nog) maar gaat over proceskostenvergoeding en griffierecht. Volmacht volgens A-G niet toereikend om alleen over griffierechtvergoeding te procederen.
Conclusie
Conclusie
In de zaak van
[X]
tegen
staatssecretaris van Financiën
1. De feiten en het geschil
1.1
Weer een zaak die nergens over gaat. Het Hof heeft in hoger beroep abusievelijk slechts € 181 aan griffierecht ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.