De kosten van de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
De kosten van de enquêteprocedure (VDHI nr. 177) 2022/6.4.1:6.4.1 Inleiding
De kosten van de enquêteprocedure (VDHI nr. 177) 2022/6.4.1
6.4.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. P.H.M. Broere, datum 12-05-2022
- Datum
12-05-2022
- Auteur
mr. P.H.M. Broere
- JCDI
JCDI:ADS652159:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
OK 5 december 2014 (r.o. 3.6), JOR 2015/229, m.nt. P.J. van der Korst (Leaderland).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Hoewel als wettelijk uitgangspunt heeft te gelden dat de kosten van de enquêteprocedure worden gefinancierd door de geënquêteerde rechtspersoon, treedt in voorkomende gevallen een ander op als financier. In Leaderland overwoog de Ondernemingskamer ook:
‘Het komt in enquêteprocedures regelmatig voor, dat niet de rechtspersoon waarvan het beleid en de gang van zaken wordt onderzocht, maar één van de andere partijen de kosten van het onderzoek en/of de kosten van een door de Ondernemingskamer benoemde bestuurder of andere functionaris financiert.’1
Ik onderscheid verschillende mogelijkheden van financiering van de kosten van de enquêteprocedure door een ander dan de rechtspersoon: directe, indirecte en subsidiaire financiering (par. 6.4.2) en verplichte en vrijwillige financiering (par. 6.4.3). Mijns inziens bestaat in beginsel enkel ruimte voor vrijwillige financiering van de kosten van de enquêteprocedure door een ander dan de geënquêteerde rechtspersoon in situaties van financieringsonmacht aan de zijde van de rechtspersoon, waarover par. 6.4.4.
De positie van de financier anders dan de rechtspersoon in het enquêterecht kan verschillende vragen oproepen. Dat geldt met name voor de directe financier, omdat die rechtstreeks is betrokken bij de enquêteprocedure. Achtereenvolgens bespreek ik hierna de status van toezeggingen van directe financiering (par. 6.4.5), door de financier te stellen mogelijke financieringsvoorwaarden (par. 6.4.6) en de mogelijke invloed van de financier op de werkzaamheden van de onderzoeker (par. 6.4.7) en OK-functionarissen (par. 6.4.8).