Prg. 2008, 74
Gelet op de zware financiële gevolgen (strafheffing) voor werkgeefster bij handhaving van de VUT-regeling wordt de vordering daartoe van werknemer afgewezen op grond van de bedoeling van de VPL en wegens redelijkheid en billijkheid. VUT-regeling wordt bij vonnis vervangen door compensatiebetalingen.
Ktg. Dordrecht 13-12-2007, ECLI:NL:RBDOR:2007:BC0741
- Instantie
Kantongerecht Dordrecht
- Datum
13 december 2007
- Magistraten
Mr. B.C. Vink
- Zaaknummer
193218CVEXPL07-1016
- LJN
BC0741
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Algemeen
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Insolventierecht / Faillissement
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
Verbintenissenrecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Arbeidsrecht / Bijzondere onderwerpen arbeidsrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBDOR:2007:BC0741, Uitspraak, Rechtbank Dordrecht, 13‑12‑2007
- Wetingang
BW art. 2:248 lid 1; BW art. 2:248 lid 2; BW art. 2:258; BW art. 7:613; VPL
Essentie
Arbeidsovereenkomstenrecht. VUT. Mag een werkgever eenzijdig een bestaande VUT–regeling afschaffen wegens de hoge financiële kosten (strafheffingen) bij handhaving daarvan?
Ja, mits onvoorwaardelijke compensatie wordt geboden voor het verval van het — voorwaardelijk — recht om vervroegd uit te treden.
Samenvatting
Werknemer, in dienst sinds 1 oktober 1978, vordert nakoming van de in 1991 ingevoerde VUT-regeling op straffe van een dwangsom. Werkgeefster heeft naar aanleiding van wettelijk (fiscale) maatregelen eenzijdig de VUT-regeling afgeschaft. Ter compensatie is jaarlijks een bedrag van € 7955 bruto voorgelegd. Voorts is sinds 2001 een jaarlijkse bonus (laatstelijk € 2500 bruto) toegekend. Werknemer stelt door de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.