Bewijsrecht in fiscale bestuurlijke boetezaken
Einde inhoudsopgave
Bewijsrecht in fiscale bestuurlijke boetezaken (FM nr. 180) 2024/10.3.6:10.3.6 Aangewezen bewijsmiddelen
Bewijsrecht in fiscale bestuurlijke boetezaken (FM nr. 180) 2024/10.3.6
10.3.6 Aangewezen bewijsmiddelen
Documentgegevens:
mr. drs. A. Heidekamp, datum 13-10-2023
- Datum
13-10-2023
- Auteur
mr. drs. A. Heidekamp
- JCDI
JCDI:ADS940553:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht (V)
Fiscaal procesrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie paragraaf 9.3.3.3.2 voor de vraag of en in hoeverre aangewezen bewijsmiddelen vanuit de sfeer van de heffing doorwerken naar de boete(grondslag).
Deze uitzondering op het ne bis in idem beginsel geldt vermoedelijk alleen voor aangiftebelastingen. Zie hieromtrent nader paragraaf 9.4.6 en paragraaf 9.4.7.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Binnen het fiscale boeterecht1 bevat alleen de wettelijke uitzondering op het ne bis in idem beginsel van art. 67q AWR een beperking van de kwalificerende bewijsmiddelen.2 Dat artikel staat het opleggen van een vergrijpboete na een verzuimboete wegens hetzelfde feit toe. De wettekst bevat een limitatieve opsomming van categorieën bewijsmiddelen die de in dit verband benodigde ‘nieuwe bezwaren’ kunnen opleveren. Het gaat om verklaringen van de belasting- of inhoudingsplichtige zelf, verklaringen van derden en boeken, bescheiden of andere gegevensdragers (of de inhoud daarvan). Voor de bewijsvoering terzake is de inspecteur dus gebonden aan deze bewijsmiddelen.