Nemo tenetur in belastingzaken
Einde inhoudsopgave
Nemo tenetur in belastingzaken (FM nr. 150) 2017/17.9.1:17.9.1 Inleiding
Nemo tenetur in belastingzaken (FM nr. 150) 2017/17.9.1
17.9.1 Inleiding
Documentgegevens:
Mr. L.C.A. Wijsman, datum 27-11-2016
- Datum
27-11-2016
- Auteur
Mr. L.C.A. Wijsman
- JCDI
JCDI:ADS498327:1
- Vakgebied(en)
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Tot besluit van dit hoofdstuk wil ik nog stilstaan bij het gebruik van bewijsvermoedens door de inspecteur in fiscale boetezaken, in relatie tot de Straatsburgse nemo tenetur-rechtspraak. Voor deze studie is van belang dat de onschuldpresumptie in art. 6, lid 2 EVRM dat gebruik weliswaar aan banden legt (zie § 17.9.2), maar dat ook met inachtneming hiervan het (te) ruime gebruik van bewijsvermoedens in strijd met het recht tegen gedwongen zelfbelasting kan komen (§ 17.9.3).