NJB 2026/717
Overdrachtsbelasting. Splitsingsvrijstelling.
HR 27-03-2026, ECLI:NL:HR:2026:494
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
27 maart 2026
- Magistraten
Mrs. Feteris, Van der Voort Maarschalk, Van Roij
- Zaaknummer
25/02194
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Belastingrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:494, Uitspraak, Hoge Raad, 27‑03‑2026
ECLI:NL:PHR:2025:1285, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 21‑11‑2025
- Wetingang
(art. 15 Wet BRV)
Essentie
Overdrachtsbelasting. Splitsingsvrijstelling.
Uitspraak
Hoge Raad, onder meer:
‘Splitsingsvrijstelling
4.1
Het middel komt op tegen het (…) oordeel van het Hof dat de vrijstelling van artikel 15, lid 1, letter h, van de Wet BRV in een geval als dit kan worden toegepast. Het middel betoogt naar de kern genomen dat het Hof deze bepaling te ruim heeft uitgelegd door die toe te passen op de verkrijging van de aandelen in de BV door belanghebbende. De bepaling ziet volgens het middel uitsluitend op het vermogen van de splitsende vennootschap dat bij splitsing overgaat op de verkrijgende vennootschap(pen). ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.